Dr Lacelove, or: how I learned to stop worrying and love my breasts

Het is iets dat ik veel eerder had moeten doen. Ik heb het ook al veel eerder gezegd dat ik het zou doen, hier een half jaar terug al. Maar uitstelgedrag dat zich gesterkt voelt door onzekerheid is een taaie cirkel om te doorbreken. Het heeft van maart tot oktober geduurd voor ik eindelijk eens de stap zette om ook daadwerkelijk eens iets te bestellen bij de Hunkemöller. Degenen die me hebben zien lopen met dat roze-witte tasje hadden waarschijnlijk niet door wat voor een mijlpaal de inhoud daarvan was. Dat begint bij mij net ook een beetje in te dalen.

Ik weet dat er winkels zijn die specialiseren in kleine cupmaten. Normaal hoef ik het bij de reguliere lingeriezaken of zelfs maar de Hema het niet te proberen met een cupmaat die ergens halverwege de Tannerstadia scoort. En hoe blij ik ook ben dat er iets bestaat als ‘De Kleine BH-shop’ daar iets bestellen heeft een bepaalde lading. In mijn hoofd is het een stigma: ik ben speciaal en niet gewoon een doorsnee vrouw die bij de doorsnee winkels kan shoppen voor mijn unmentionables. Dat ik nu bij ’s lands grootste lingerieketen terecht kon is enorm validerend voor mijn zelfbeeld.

Het is alsof Dr. Lacelove een recept uitschreef en ik bij de apotheek mijn medicijn ging halen. Zo’n kanten niemendalletje geeft een enorme boost in mijn eigenwaarde. Ook al paste ik mijn nieuwe aankoop pas avonds laat thuis, vermoeid na een buitengewoon lange dag, het hielp direct, een moment van verlichting. Ik keek in de spiegel en voelde me goed. Ik maak me sinds dat moment minder zorgen om mijn cupmaat en houd een stuk meer van mijn lichaam en alle imperfecties die er een onderdeel van zijn.

Voorlopig zal ik nog geen afscheid nemen van mijn standaard Handfulls –Ja, zo heten ze echt!de van een hoeveelheid schuimrubber voorziene sportbh’s die mijn dagelijkse leven vorm geven. Maar ik heb nu wel een alternatief daarvoor, een bh die het gebrek aan extra volume ruimschoots goed maakt in sexyness. Het is een opstap die ook mijn zelfvertrouwen een flinke boost geeft. Ik voel me nu zeker genoeg om gewoon te gaan shoppen in een lingeriezaak, niet meer het gevoel hebbend dat ik met een paar schuimrubber neptieten in een bh gepropt binnen stap. Mijn huidige receptje heb ik vervuld via de online apotheek shop van de Hunkemöller. Ik voel me zekerder en, eh… Ik had het woord ‘valide’ al een keer gebruikt dit blog hè? Nou dat dus.

Ik heb de mogelijkheid van een borstvergroting ook nog steeds niet uitgesloten, de kans dat ik het doe is in elk geval een heel stuk kleiner, zelfs al zou een chirurgische ingreep vergoed gaan worden en geld niet het bezwaar vormen. Eigenlijk zou ik mijn lingeriebonnetjes moeten declareren bij mijn ziektekostenverzekeraar. Wat meters kant, een handvol fournituren en een vaardige lingerieontwerper is al wat ik nodig lijk te hebben. Heel wat goedkoper dan een chirurgische ingreep, met uiteindelijk eenzelfde resultaat. Zou de inzendtermijn voor hun ‘Beste zorgidee van Nederland’ voor dit jaar al gesloten zijn?

lacelove

Het medicijn van Dr. Lacelove

Dit artikel is onderdeel van een reeks blogs over mijn persoonlijke issues met mijn cupmaat en de verzekeringstechnische aspecten van borstvergrotingen. Lees hier de rest van de artikelen. 

Small boob sexyness?

Acceptatie van je eigen lichaam is een raar iets. Op het ene moment ben ik helemaal tevreden en kan ik door de dingen waar ik niet helemaal blij mee ben heen kijken. Op het andere moment zijn het enorme obstakels voor mijn zelfbeeld.

Een berichtje van een vriendin met de tip naar de Hunkemöller te gaan gaf me te denken. Mijn plannen richting een borstvergroting zijn toch minder ver gevorderd dan ik dacht. Normaal gesproken komt de nationale lingerieleverancier niet op mijn radar voor, ze hebben er toch mijn maat niet. Leuk al die push-up’s, maar dan moet er wel iets zijn om up te pushen en zoals ik al vaker heb geschreven heb ik daar niet zoveel van. Gisteren werd ik gewezen op het bestaan van bralettes. Veel meer dan wat kant is het niet, maar het is iets. Het is vieren van wat je hebt, het is small boob sexyness.

Dit gaat een lakmoesproef worden, erachter komen waar de zere plek nu precies ligt. Ben ik écht ontevreden over mijn lichaam en ondermijnt de grootte van mijn borsten mijn zelfverzekerdheid en zelfbeeld óf is het simpeler op te lossen met de juiste keus in kledingstukken en unmentionables.

In tegenstelling tot eerdere medische stappen in mijn transitie heb ik hierin het gevoel wél een keuze te hebben. Dat is niet iets waar ik lichtzinnig over denk en zeker niet iets waar ik voor over één nacht ijs ga. Het is een proces en het erover schrijven helpt me mijn gedachten op een rij te zetten.

Hoe dan ook: binnenkort wordt mijn volgende drempel geslecht en wordt het tijd om weer één van mijn jaardoelen te kunnen afvinken. (En ja, dat voelt nog als een behoorlijke drempel, gaat me nog moeite kosten om die zaak binnen te stappen :$) Hoewel mijn plannen voor meer vorm toch steeds meer vorm beginnen te krijgen is dat ook niet morgen gedaan. Niets houdt me tegen om in de tussentijd wat sexy unmentionables te kunnen hebben. Wie weet voel ik me daarmee al happy genoeg.

Wordt vervolgd. For science!

Dit artikel is onderdeel van een reeks blogs over mijn persoonlijke issues met mijn cupmaat en de verzekeringstechnische aspecten van borstvergrotingen. Lees hier de rest van de artikelen. 

Plastische chirurgie of acceptatie

Het is een onderwerp dat momenteel erg rondgaat in mijn hoofd: moet ik mijn lichaam accepteren of modificeren. In de nasleep van Leelah Alcorns zelfmoord zag ik mensen schrijven die “gevangen in een verkeerd lichaam” niet een goede omschrijving vinden. Zij zeggen dan dat hoe het er aan de buitenkant ook uitziet, het is wel jouw lichaam. Het is een gedachtegang die volgens mij uit de genderqueer-hoek komt, in elk geval een stroming die gender niet af laat hangen van toevallige biologische en anatomische kenmerken.

Ik heb mijn ‘oude’ lichaam vaak genoeg afstandelijke namen geven: gevangenis, zak met vlees en botten waarin ik leef, hotelkamer waar ik me niet thuis voel. Toch is het altijd mijn lichaam geweest en is dat het nu ook nog steeds, ook al is er wat werk aan verricht met de pillen van de endocrinoloog en de scalpel van de chirurg. Op de manier die ik hierboven beschrijf had ik er nog niet eerder over nagedacht, maar ik snap wel wat ermee bedoelt wordt. Als je lichaam als een gevangenis ziet, dan bouw je daar een afkeer tegen op. Daar heb ik zelf ook last van gehad, er zijn echt vijandige gedachten jegens mijn lijf die ik kwijt moest raken. Daar worstel ik nog steeds wel mee, gelukkig inmiddels weer met professionele begeleiding.

Dat ik mijn héle lichaam haatte is oneerlijk. Ik had eigenlijk enkel afkeer tegen een paar details. Aan de belangrijkste is al wat gedaan en met een aantal details moet ik leren leven. Maar er blijven een paar dingen over waar wel wat aan te doen valt, maar waar de nodige nadelen en kosten tegenover staan. Kosten niet alleen in financiële zin, maar ook in de zin van energie, nasleep en genezing. Over die dingen ben ik nu aan het nadenken, overwegen of zoiets alle nadelen waard is, of ik er echt zo tevreden mee ga zijn als ik zou willen.

Dat ik voorstander ben voor plastische chirurgie dat moge duidelijk zijn. Ik heb nogal een ingreep achter de rug, eentje waar ik heel erg blij mee ben. Plastische chirurgie voor cosmetische redenen vind ik ook prima, al vraag ik me bij foto’s van resultaten soms af wat er met de beroepsethiek van de arts in kwestie is gebeurd. Dan denk ik dat die arts beter “Nee.” had gezegd tegen zijn patiënt. Maar een scheve neus recht laten zetten of een grote kleiner maken of oogleden laten liften. Dat soort ingrepen, daar zie ik het nut wel van in. Zo zijn er ook nog wel dingen die voor mij op de nominatielijst staan, dingen waar ik nu dus over aan het nadenken ben.

Plastic Surgery

Plastic surgery – Red pepper (foto: Nick Mugridge)

De mogelijkheden die je als transgender hebt zijn behoorlijk. Zo kan je het wenkbrauwbot kleiner laten maken (brow ridge reduction), je adamsappel laten verkleinen (tracheal shave), je kaak laten versmallen, neusoperaties, borstvergrotingen en stembandoperaties. Daarmee heb je de belangrijkste opties voor ingrepen aan de secundaire geslachtskenmerken wel gehad. Naar de meeste daarvan heb ik totaal geen oren. Mijn wenkbrauwen vind ik niet enorm uitsteken. Mijn adamsappel is duidelijk zichtbaar maar ik stoor me er niet aan. Mijn neus had iets kleiner gemogen, maar ik ben eraan gewend. Stembandcorrecties hebben zoveel nadelen en risico dat het gewoon geen optie is, ik zoek mijn logopedist nog wel eens op. Kaakversmallingen vind ik gewoon onnodig en eng, heel erg eng (googlen op eigen risico).

Een secundaire ingreep die ik wel overweeg is een borstvergroting. Dat is iets wat voor mij toch wel een behoorlijke invloed heeft op mijn zelfbeeld. Ook al is het prima te verbloemen dat ik kleine, naar mijn gevoel veel te kleine, borsten heb, is dit een gedachte die terug blijft komen. Het valt in dezelfde categorie als mijn geslachtsaanpassende operatie: de buitenwereld hoeft er heel niets van te zien, maar voor mij persoonlijk is het belangrijk. Het is iets wat mij confronteert als ik naakt voor de spiegel sta. Iets dat niet goed past in mijn vrouwelijk zelfbeeld.

Door de opmerkingen over geboren in het verkeerde lichaam, vooral door het tegengeluid van binnen de transgenderscene ben ik er op een andere manier tegen aan gaan kijken. Ik ben nu niet zozeer aan het nadenken of ik een vergroting zou willen hebben. Nee, ik denk nu meer na over of ik mijn lichaam moet accepteren zoals het nu is, of dat ik dingen meer wil vormen om het op mijn utopische zelfbeeld te laten lijken. In het verleden heb ik al eerder gezegd dat ik vrede heb met het feit dat je altijd aan me zal zien dat ik niet als meisje geboren ben, zolang men me nú maar als vrouw accepteert en bejegend. Gaat een grotere BH-maat daarmee helpen? Ik betwijfel het. Gaat een grotere bos hout me beter laten voelen als ik naakt voor de spiegel sta? Ik ben vrij zeker van wel. Is het me alle moeite waard? Ik ben er nog niet over uit.

Dat is het punt waar ik nu op zit: in hoeverre is iets als een borstvergroting een reële optie. Is het niet beter om mij lichaam te accpteren zoals het nu is? Ik heb al enorme stappen gemaakt, stappen waar ik heel blij mee ben. De chirurgische ingreep die ik heb gehad heeft voor mij echt verschil gemaakt, ik merk het dagelijks. Wat ik het meest sprekende voorbeeld vind: ik heb nogal wat keren mijn broek moeten laten zakken. Bij mijn huidtherapeuten, bij de physician assistant en stagiair, in de sauna, ten overstaan van mijn partners (al was het daar vrije keuze en geen moeten), voor de verpleging in het ziekenhuis. Ook al was ik niet blij met mijn penis, ik voelde me er nooit beschaamd over om ‘m te laten zien als dat nodig was. Het ding voelde toch als niet van mij dus wat viel er te schamen? Tegenwoordig is dat anders, mijn vagina is iets wat echt van mij is, het voelt als een onderdeel van mezelf. Het is niet iets wat ik zomaar deel met of laat zien aan anderen.

Een eventuele borstvergroting vind ik in hetzelfde straatje passen: het is iets dat ik voor mijzelf zou doen en voor mij alleen. Voor de buitenwereld is het niet nodig. Als ik mijn cupmaat onvoldoende vind zijn er legio manieren om daar wat aan te doen zonder dat er een pilletje of een scalpel aan te pas komt. Die mogelijkheden zijn stuk stuk voordeliger en er zit geen risico aan vast, behalve dat je moet oppassen als je van de hoge duikplank het zwembad in duikt. Maar dat durf ik toch al niet.

Ga ik mijn lichaam, met alle minpuntjes die ik zie, leren accepteren? Of kies ik er toch voor het modificeren en laat ik die minpuntjes onder handen nemen door een professional? Ik ben er nog niet over uit. Recentelijk is de manier waarop ik hierover denk ingrijpend veranderd. Natuurlijk kan ik ook gewoon niet meer naakt voor de spiegel gaan staan, maar dat is het probleem ontkennen in plaats van erkennen en aanpakken.

Omgaan met complimenten

Gisteravond had ik weer eens een feestje, waar ik haast werd bedolven onder complimenten. Feestjes lijken voor mij steeds meer een synoniem te worden met complimenten over mijn uiterlijk en voorkomen. Natuurlijk vind ik dat leuk, maar ik vind het ook nog steeds lastig om ze aan te nemen en er mee om te gaan. Ik ben het niet gewend om dat soort complimenten te krijgen en heb nog steeds een sterke neiging om ze weg te wuiven.

Iedere dag voel ik me meer en meer mezelf en voel ik me beter in mijn vel. Dat is een stijgende lijn, die met af en toe en dip, steeds verder omhoog gaat. Maar ik voel me ook nog steeds onzeker, op mijn hoede. Soms is er nog dat stemmetje van mijn Negatief Zelfbeeld,  dat dan influistert dat men alleen maar zegt wat ik wil horen. Dat kan ik ook steeds beter negeren. Vooral als de complimenten spontaan komen van mensen die ik niet goed ken. De neiging om complimenten af te doen en dingen toe te schrijven aan externe factoren vind ik moeilijker te onderdrukken. Een compliment over mijn rondere lichaamsvormen: “Niet alles is echt.” Iets liefs over mijn haar: “Met hulp van de kapper. Het gewoon aannemen van die complimenten en toeschrijven aan mezelf ben ik nog aan het leren.

Het meest bijzondere compliment krijg ik van schoonheidsspecialistes: “Wat heb jij een zachte huid!” Ik heb het nu al een paar keer gehoord. De mooiste vond ik nog de schoonheidsspecialiste die, nadat ik vertelde van mijn transzijn (het is lastig presenteren als vrouw terwijl je naakt door de sauna loopt en pas een half jaar aan de hormonen bent), vroeg of ze even mocht voelen omdat je van die medicijnen zo’n zachte huid krijgt. Dat terwijl je een gezichtsbehandeling van een uur hebt geboekt.

De laatste keer dat ik dat compliment kreeg was afgelopen zaterdag. Van een vriendin kreeg ik een poosje terug kreeg ik het advies eens iets liefs te doen voor mijn lichaam in plaats van het alleen maar te pijnigen. Dat heb ik maar ter harte genomen, en het nuttige met het aangename verenigd. Wenkbrauwen weer netjes in vorm en even een uurtje heerlijk kunnen ontspannen. In de nabije toekomst boek ik ook eens een massage, nog nooit gedaan trouwens, als ik dan toch bezig ben met lief zijn voor mijn lichaam.

Kleren maken de man, niet de vrouw

Afgelopen woensdag was ik bij de mijn diagnose psychologe van het VUmc. Daar schreef ik al over in Coming out, stappen vooruit. Een van de vragen die ze mij die dag stelde hebben mij aan het denken gezet. Een analogie wat verder uit te bouwen. In het kader van ‘huiswerk’ is mij opgedragen om een vrouwelijkere zelfexpressie te exploreren en de bevindingen vast te leggen in mijn dagboek. Dat heb ik ook gedaan, in mijn gewone dagboek. Wat dagboeken betreft ben ik polyamoreus, ik houdt er meerdere op na.

Een van de belangrijkste bevindingen die ik deed tijdens die exploraties van een vrouwelijker zelfexpressie was dat ik me door wat simpele kledingstukken ineens een stuk beter thuisvoelde in mijn eigen lichaam. Nog niet eerder had ik mij zó thuisgevoeld in mijn lijf, zelfs. Ik vond het ineens niet meer zo vervelend om in de spiegel te kijken. Ik voelde mijzelf gewoon instant goed. Dat heb ik ook verteld tegen mijn psych. Die wist daarop een scherpe vraag te stellen: “Is dat dan genoeg, alleen kleding?”
Ik kon daarop direct en zonder nadenken “Nee! Maar het is wel een goed begin” op antwoorden. Ik heb er toe maar eens een leuke metafoor of analogie bijgesleept (is daar nog een verschil tussen?). Want ik ben gek op uitleggen in analogiën.

Zie het als verhuizen, je nieuwe woning opknappen voor dat je er gaat wonen. Dan ga je zoeken naar de kleuren die je op de muur wilt. De meubels in de kamers. De indeling en opstelling van die meubels. Een lichtplan voor de verlichting. Schilderijen aan de muur. Alles om er een thuis van te maken. Om het te maken tot een plek waar je jezelf veilig en thuis voelt. Zo zie ik het proces waar ik mee bezig ben ook. Ik ben nu druk aan het zoeken naar de stijl die bij me past. Ik heb nog meubelstukken nodig. Ik sta nog met een kleurenwaaier in mijn handen opzoek naar de juiste verftinten. Dat alles om mijn lijf zo in te richten dat ik me er thuis in voel. Ja, ik ben al druk aan het klussen. Dat voelt goed. Ik zie en voel de stappen die ik aan het maken ben met mijn lijf. Net zoals wanneer je bezig bent om de wansmaak van de vorige bewoners aan het overschilderen bent een huis met iedere kwast meer als thuis gaat voelen. Ik voel me meer dan ooit thuis in mijn eigen lijf. Maar het opknappen en klussen en verhuizen is bij lange na niet voltooid.

Dat ik, op mijn vrije dagen, kleding draag die onnoemelijk veel dichter bij mijn goevel draag dan wat ik inmiddels beschouw als werkkleding. Heeft me doen realiseren dat kleren mischien de man maken. Maar zeker niet de vrouw. Uiteindelijk zijn kleren slechts wat lappen stof die we om onze lijven draperen. Kleding kan je comfortabel laten voelen of zelfbewust. Je kan er een statement mee maken, zeggen waar je voor staat. Maar het blijven slechts kleren. Het gaat om wat er ín die kleren zit. Dat moet kloppen bij het gevoel.

Het klussen gaat hier voorlopig nog lekker door, want die verhuizing is nog lang niet voltooid. Mocht je jezelf geroepen voelen om ook een kwast ter hand te nemen en te helpen; laat je dan vooral niet tegenhouden. Alle hulp en positieve input is welkom! Al is het maar wat advies over het lampje in de hal.