Als een litteken

Dit blog gaat over suïcidaliteit, als je dat een moeilijk onderwerp vindt sla je deze wellicht beter over.

In de film lijkt het allemaal zo makkelijk: je loopt naar iemand die op het randje staat toe, praat een beetje op hem in, bied een sigaretje aan en kletst hem nonchalant van het randje af. De werkelijkheid was voor mij vandaag anders: ik bevroor en raakte geëmotioneerd.

Na een check-up vanmorgen in het VUmc en een lunch in het park liep ik door Amsterdam. Bij de Torontobrug zag ik iemand over de reling uitkijken, zijn rugzak naast zijn voeten en iemand naast hem. Een voet ging er omhoog, op de eerste stang van de reling, een tweede werd erbij gezet. Ik hield mijn pas in, kijkend naar wat er voor me afspeelde.

Die eerste voet ging nog een stang omhoog. De intentie van de klimmer was duidelijk, die stond daar niet voor het uitzicht over de Amstel. Ik bevroor. Ik kon niet wegkijken, ik kon niet doorlopen en ik kon niet helpen. Een eerste voorbijganger sprong van zijn fiets, liep naar de klimmer en pakte zijn arm. Op een afstand zag ik hoe hij op hem in begon te praten. En tweede voorbijganger pakte haar telefoon en belde 112, een auto stopte, een passerende wegenwacht zette met zijn auto en pylonnen de rijbaan af.

Voor ik het doorhad waren er vier man, vier toevallige voorbijgangers die de moed hadden erop af te gaan. Bezig om de klimmer van de reling af te krijgen. Het kostte hen moeite, veel moeite om de radeloze naar een veilige plek te tillen en hem op de grond te houden.

Ik stond daar nog steeds te kijken. Bevroren. Tranen stonden in mijn ogen. Ook al kende ik de klimmer niet: het raakte me. Wat me nu zo verdrietig maakte weet ik niet: Dat iemand zo ten einde raad is dat hij een duik in de Amstel als oplossing ziet. Dat er wildvreemden waren die de moed en goedheid hadden om hem van die reling af te trekken. Dat bemoeials zijn keuze om een einde te maken aan zijn leven dwarsboomden. Het kwam dichtbij.

Na een paar hele lange minuten arriveerde politie. Nog steeds op een afstand zag ik hoe de agenten op de man inpraatten. Het duurde even voor hij geboeid werd afgevoerd, ik hoop naar een goede crisisdienst. De helpers schudden elkaar de hand en lostten langzaam weer in het doorgaande verkeer op. Het enige dat ik heb bijgedragen is de fiets van één van de helpers opvangen toen deze omviel en steviger tegen de brugreling neerzetten.

Op een bankje langs het water probeerde ik het vooral te laten bezinken. Emotioneel, met tranen in mijn ogen en trillende handen. Het was zo dicht bij, niet alleen in afstand, ook in mijn hoofd. Ik heb er nooit naar gehandeld, ik ben nooit zelfs maar richting die reling gelopen. Maar suïcidale gedachten zijn als een litteken. Hoe goed het ook geneest, altijd zal je het blijven zien en soms doet het nog even pijn.

De weg van de pauw

Ik zeg altijd dat ik nooit last heb van nare reacties op mijn transitie, althans niet meer dan een rare blik of wat gegniffel achter mijn rug. Dat is slechts ten dele waar, online is het namelijk anders. Dan heb ik het niet over de toetsenbordhelden die “Daar moet een piemel in!” een valide politiek argument vinden en reacties posten onder nieuwsberichten. Nee, ik bedoel nu de narigheden die aan mij persoonlijk zijn gericht, hier op mijn blog.

Ik heb een terugkerende cyberbully die na lange periode van stilte weer van zich laat horen. Het is exact de reden waarom ik de filterfunctie voor reacties op mijn blog aan heb staan. Voorheen verwijderde ik de reacties gewoon. Deze keer heb ik besloten te delen wat ik over me heen krijg. Een belangrijke reden dat ik besloot te gaan bloggen was aan anderen laten zien wat een transitie inhoudt en wat er bij komt kijken. Helaas is dit soort nevenschade daar ook een deel daarvan.

De onderstaande twee reacties zijn geplaatst onder mijn blog over Deadnaming.

De eerste kwam maandagochtend:

hey Daan, jij bent toch die man, die denkt dat hij een vrouw is ?..en zelfs na die mislukte verandering nog steeds als man wordt aangesproken? wegens je arrogante gevoelloze botte mentaliteit, waar geen stukje vrouwelijkheid in schuilt?
Wanneer geef je het nou eens op? je blijft altijd een man..En .men moest die vlees fabrieken sluiten, waar alleen maar tonnen geld wordt verdiend, waar wij nog wel aan mee moeten betalen(!) aan dit soort onzin.Schandalig, ja natuurlijk zij gaan er wel in mee in deze gekte.

Dinsdagochtend knipperde de push-melding van de WordPress-app opnieuw:

Zeg kerel je bent toch een man, waarvoor toch al die onzin,en geldverspillingen, zelfs na al die tevergeefse operaties , wordt je nog steeds als man aangesproken, omdat je nu eenmaal die uitstraling hebt, in je hele zijn, hoe je bv op een onbeschofte manier veroordeelt als er iemand een verhaal schrijft , dat zij in het Vumc (vleesfabriek no 1 ) constant aan het lijntje werd gehouden, voorgelogen werd en volgens jouw klopte het verhaal niet..?.wat een arrogantie, volgens mij denk je dat je een uitverkorene bent, en in name van transgenders, met al je onzin , op het internet, je zogenaamde blogs deelt
Wat een zielige eenzaamheid, met al je pogingen en al j e mislukkingen.om zogenaamd een vrouw te willen zijn.Maar zeg nou eens eerlijk , wie wil nou met zo’n mannelijke alien, als jouw iets aan gaan. Niemand toch?
Echte vrouwen hebben een geweldige empathie, zij zijn gevoelig en hebben respect voor andere mensen, een goede intuïtie, zijn warm en dragen liefde in zich. Daartegen over heb jij geen sprankeltje gevoel of liefde in je lijf. Jij bent bot en jij hebt , door je minne veroordelende reactie, dat aan iedereen laten zien, dat je, wat je ook doet , of uiterlijk probeert te veranderden, je bent en blijft een man. Zonder je blogs en al die slijmballen die je zogenaamd troosten, ben je helemaal niets. Een zielige jongen , die nergens anders meer over kan praten.Zelfs dat heb je niet door, nou ja blijf jij je zelf maar lekker in d e maling nemen,

Hopeloos, …en ja , ook gezien je foto, ben je ook nog een lelijke vent .triest hoor, misschien kun je beter als clown in een circus werken of als pinokio ?…….; met die lelijke punt neus van je whaaaaaaaaaaaaaa

In plaats van de delete-knop te gebruiken en er verder over te zwijgen deelde ik deze twee reacties in eerste instantie alleen met wat vrienden. Het verhaal van de wolf dat een vriendin me vertelde inspireerde me om er dit keer eens een blog over te schrijven.

Ken je het verhaal van de wolf? Die liet dieren graag schrikken. Hij zag een schildpad, en die schildpad kroop in zijn schulp. Dat beviel de wolf wel. Hij zag een leeuw, en die begon te brullen en achter hem aan te rennen. Maar de wolf was sneller en lachte zich een ongeluk. Daarna zag hij een pauw. Hij liet de pauw schrikken. Na te zijn geschrokken draaide de pauw zich om en zei: heej, wolf, dat vond ik niet leuk. Ik wil niet dat je dat doet. De wolf schrok, en plaagde de pauw niet meer.

Altijd heb ik de weg van de schildpad bewandeld, dat maakte geen verschil. Alleen maar een partij brullen als een leeuw gaat weinig uithalen. Dus kies ik er nu voor de weg van de pauw te volgen. Opstaan, duidelijk maken dat ik dit niet OK vind en met opgeheven hoofd verder.

Er is tegenwoordig steeds meer duidelijk wat de gevolgen van online pesten kan zijn. Het is nóg minder zichtbaar dan pesten op straat, op school of op het werk. Het is ook nóg effectiever: omdat pestacties direct in de inbox van het slachtoffer terechtkomen, ongezien door ouders, leidinggevende of leraren. Zo ook in mijn geval, de enige die deze berichten tot nog toe te zien heeft gekregen ben ik zelf.

Het is makkelijk om te zeggen dat het maar woorden op een beeldscherm zijn. Dat ik het gewoon moet negeren. Doen alsof het me volstrekt en volledig koud laat. Helaas is dat niet zo makkelijk. Deze persoon hakt doelbewust in op mijn onzekerheden, en heeft daarvoor genoeg materiaal kunnen vinden in mijn blogs. – Al vind ik met mijn neus niets mis. Geen idee waar dat vandaan komt.- Dat schoppen tegen zere schenen doet gewoon pijn, ook al is het een anoniem iemand ergens achter een toetsenbord.

Vaak genoeg heb ik me laten vertellen dat pesten gedrag is dat voortkomt uit eigen onzekerheid en voor de dader een manier is om eigen tekortkomingen te maskeren of zelfs te overschreeuwen. Wat de motivatie van mijn cyberbully is, daarover heb ik zelf mijn theorie kunnen deduceren uit alles wat er tegen me gezegd is. Hoef ik niet eens een retourtje Londen voor te boeken. Op deze plek ga ik daar niet verder op in, want het voegt niets toe.

Wat ik dan wel kwijt wil met dit blog: duidelijk maken dat ik niet OK ben met dit soort gedrag. Ook al deert het me wel degelijk: ik laat me er niet door kisten. Ja, ik ben geschrokken, pesterij succesvol. maar ik sta op en loop met opgeheven hoofd verder om de weg van de pauw te volgen. Dit soort treitergedrag is niet normaal en ik heb genoeg mensen om me heen die oprecht zijn en alles wat er hierboven tegen me wordt gezegd weerspreken.

Plastische twijfels

Er pruttelt al een paar weken iets in mijn hoofd: gedachten over plastische chirurgie en de twijfels die ik daarover heb. Door dingen die zijn gebeurd en ook de ervaringen die lotgenoten met me deelden ben ik toch wat verder gaan denken dan mijn neus lang is. Behalve de borstvergroting waar ik al vaker over heb geschreven. denk ik ook over gezichtschirurgie. Ondanks alles wordt ik nog regelmatig met meneer aangesproken, bijvoorbeeld op mijn werk. Ook als ik daar in een jurk op de werkvloer sta, met make-up en mijn haar in een nette krul.

Ik dacht altijd dat Facial Feminisation Surgery (FFS) voor mij onbereikbaar was. Want duur! Maar onlangs zag ik van een andere transvrouw de resultaten van een kleine neuscorrectie die al een behoorlijk verschil maakte in de vrouwelijkheid van haar gezicht. Ondanks dat het de verandering heel subtiel waren. Want dat is waar ik bang voor ben, dat ik niet meer op mezelf lijk na zo’n ingreep. Wat me nog meer verbaasde: ze kreeg het vergoed door haar zorgverzekeraar, die was het er blijkbaar mee eens dat ze een te mannelijk gezicht had. -FFS valt onder de basisverzekering als je daarvoor een positief oordeel van drie individuen én je zorgverzekeraar (ze willen vaak foto’s zien) hebt- Terwijl ik haar gezicht helemaal niet zo mannelijk vond, qua mannelijkheidsgehalte vergelijkbaar met dat van mijzelf. Sterker nog ik vond haar zelfs een vrouwelijker gezicht hebben dan ik.

Waar het in mijn gezicht precies aan ligt durf ik niet te zeggen. Ik heb niet een enorm voorhoofd, de zogenaamde brow ridge steekt bij mij nauwelijks uit. Mijn neus is niet klein, maar naar mijn idee prima in verhouding met mijn gezicht. Ik heb ook geen enorme vierkante Superman kaak. Toch viel het me laatst op, toen ik op het balkon zat met mijn laptop op schoot. In mijn scherm zag ik een reflectie van de onderste helft van mijn gezicht, van jukbeen tot hals. Wat ik zag kon ik toch niet anders dan als ‘mannelijk’ typeren, maar ik kan nog steeds niet de vinger leggen waar dat door komt.

Een paar weken terug zag ik per toeval Louis Theroux: Under the Knife, de documentaire van de de bekende interviewer over plastische chirurgie in Los Angeles. Dat keek als een 60 minuten lange anti-reclame om maar vooral géén ingrepen aan mijn ‘secundaire geslachtskenmerken’ te laten doen. Programma tot de rand toe gevuld met patiënten en artsen die het gevoel voor realistische en ethische esthetiek al lang kwijt waren. Ik had na het zien van die show gelijk veel minder behoefte aan aanpassingen.

Zachte buik

Aan de andere kant: de afgelopen paar keer dat ik bij de huidtherapeut voor een lasersessie zat heb ik behalve mijn gezicht ook twee andere delen van mijn lichaam laten behandelen, mijn decollete en mijn buik. Op eigen kosten, welteverstaan. De kliniek waar ik kom heeft de regel dat je bij een gewone behandeling een klein gebied tegen een gereduceerd tarief kan laten meebehandelen. Dat ik het haar op mijn borstbeen laat weglaseren zal je vast niet zo verrassend vinden. Ik heb genoeg tops met een lage hals en dat er dan geen donkere haren zichtbaar zijn vind maakt me wel een stuk zekerder.

Dat ik mijn buik laat laseren is niet voor mijn zelfverzekerdheid, maar voor mijn zelfbeeld. In het gebied rond en net onder mijn navel heb ik van nature dikke donkere en vooral stugge haren zitten. Hoe goed ik die ook wegscheer ze blijven duidelijk voelbaar, dat verstoorde enorm mijn zelfbeeld. Nu dat gebied en paar keer behandeld is, is de haargroei significant minder. En dat heeft enorm geholpen met hoe ik mij voel over mijn lichaam.

Het klinkt vast heel suf dat ik me druk maak om zo´n klein detail. Maar dat gladde(re) zachte stukje buik rond mijn navel maakt dat mijn lichaam veel meer in sync voelt met mijn zelfbeeld. Niemand die het ziet, en als ze het zien zal het ze niet eens opvallen. Maar ik voel me er een stuk beter door. Het is dat gevoel dat me de laatste tijd wat positiever doet denken over wat plastische ingrepen zouden kunnen betekenen.

Compatible?

Dan is er dat terugkerende punt van mijn borstomvang. De mensen om me heen vragen me soms waar ik me zo druk om maak. Want het valt onder kleding toch niet op en het is prima te faken. Op dat soort momenten overweeg ik om gewoon een topless foto online te zetten en de Facebook-Female Nipple-Test te doen. -Facebook staat niet toe dat er vrouwelijke ontblote tepels te zien zijn op foto’s, mannelijke tepels zijn echter geen probleem.- Om te laten zien wat me zo dwars zit. Daar heb ik me altijd van weerhouden, maar er deed zich een gelegenheid voor.

Ik kreeg een Gay Pride t-shirt cadeau. De maat bleek niet helemaal compatible met mijn systeemeisen. Aanvankelijk ik wilde ik enkel voor de grap een foto maken om de gever te laten zien hoeveel die maat medium te klein is. Ik zag er echter in een mogelijkheid in om duidelijk te maken wat me dwars zit:

Dit is waar het me nou om gaat. Ik ben nooit erg gespierd geweest, en als ik niet zou weten dat ik dit zelf ben op de foto. Dan zou ik zeggen dat dit de borstkas is van een man die nog wel een uurtje in de week extra naar de sportschool moet omdat die borstspieren nog een beetje magertjes zijn.

Ik ben weer een stap verder in mijn denkproces. Zover dat ik nu de mogelijkheden wil gaan onderzoeken. Tot op heden heb ik geen goed beeld van wat er mogelijk is met borstvergrotingen. Bijvoorbeeld of er aan mijn wensen voldaan kan worden. Een realistisch resultaat dat er niet alleen goed uitziet maar ook goed aanvoelt. Want ik weet nu al dat overduidelijke nepborsten me niet verder gaan helpen. Dan kan ik net zo goed verder op de huidige voet, met schuimrubbervullingen in mijn BH.

Of ik wat ga laten doen, ik ben er nog steeds niet uit voor mezelf. In elk geval ga ik informatie inwinnen voor een borstvergroting. Zodat ik een reële van een mogelijk resultaat. En ook een goed beeld heb van alle nadelen en risico’s die aan zo’n ingreep zitten. Dan kan ik van daaruit verder. Wat betreft ingrepen aan neus, kin of kaak. Dat zie ik vooralsnog niet gebeuren. Wellicht als ik iemand vind die daar een objectief en goed geïnformeerd oordeel over kan geven.

Op deze dag…

Ik heb al een poos de herinneringenfunctie van Facebook aanstaan, dagelijks een rijtje met posts van de datum in het verleden. Door de herinnering van 14 augustus 2010, die ik dus gisteren te zien kreeg besefte ik me dat het vandaag 6 jaar geleden is dat de laatste Bredase Harley Dag werd georganiseerd.

opdezedag

Waarom ik dat zo goed weet? Ik zat namelijk dezelfde dag met zweethandjes op de bank bij mijn ouders om uit de kast te komen als transgender. Onderweg naar mijn ouders kwam ik met mijn toenmalige partner in de Bredase binnenstad al de nodige hoeveelheid bulderend en blinkend chroom tegen.

Voordat ik open kaart durfde te spelen richting mijn ouders had ik al het nodige achter de rug wat medisch traject betreft. Na mijn eigen bewustwording, de diagnose voor de diagnose had ik het ook al een half jaar op de wachtlijst uitgehouden. Omdat ik enige zekerheid wilde hebben besloot ik mijn ouders pas het nodige te vertellen na de intake bij het Genderteam. Eind juli 2010 kreeg ik te horen dat ik op de wachtlijst voor de diagnose was gezet. Een paar weken later toog ik naar het ouderlijk huis.

Van het gesprek zelf staat me weinig meer bij. Wel herinner ik me de enorme opluchting nadat het hoge woord eruit was en de positieve reactie die ik kreeg.

Sinds die dag 6 jaar geleden is er een boel veranderd. Niet alleen in mijn transitie, ook in mijn dagelijkse leven.  Relaties kwamen tot een einde, ik ben tweemaal verhuisd, depressies zijn bevochten. Maar bovenal ben ik gegroeid in wie ik ben. Ik ben een beter mens geworden. Ik sta veel meer in contact met mezelf en mijn eigen gevoelens. Ik ben gewoon meer mezelf dan ooit en ga daar nog wel even mee door. Want klaar? Klaar ben je nooit.

Een gezonde geest in een gemankeerd lichaam

“Mens sana in corpore sano” sprak Juvenalis: een gezonde geest in een gezond lichaam. Voor mij is het een gezonde geest in een gemankeerd lichaam, of een gemankeerde geest in een gezond lichaam. Die keuze is lastiger dan je zou denken.

Als je mijn blogs sinds de herfst hebt gevolgd, dan weet je van mijn gevecht met mijn depressie en hoe ik erachter kwam dat medicatie daar een bepalende factor in bleek te zijn. Medicatie die gebruikte om mijn lijf gezond te houden. Nee wacht, niet gezond. Ik had andere bedoelingen met het gebruik van de androcur. Ik nam het om mijn lichaam beter passend bij mijn zelfbeeld te maken. Die pillen hadden een positief effect op mijn huid, lichaamshaar en het volume van mijn borsten. Drie dingen die voor mij zwaar wegen in hoe ik mijzelf zie. Dat positieve effect was aantrekkelijk, zelfs zo aantrekkelijk dat ik ook nu ik weet wat de nadelen zijn, soms nog moeite heb om niet opnieuw met dat medicijn te beginnen. Inmiddels besef ik dat mijn mentale gezondheid toch echt (net) zwaarder weegt dan mijn zelfbeeld.

Deze week heb ik nog zo’n keuze moeten maken: gemoedstoestand of zelfbeeld. Ik heb nog steeds een redelijke baardgroei. Het is erg genoeg om me er bij vlagen behoorlijk onzeker over te voelen. Stoppen met die medicatie lijkt de haargroei nog een extra impuls te hebben gegeven. Ik heb daarom nog regelmatig laserbehandelingen bij de huidtherapeut. Voorwaarde voor succesvolle behandeling is echter wel dat je huid zo bleek mogelijk is. Dat betekent zon mijden, factor 50 smeren en hoedjes dragen.

Nu heb ik geen bezwaar tegen hoedjes dragen (mits ik ze in mijn maat kan vinden). Ik heb dat de eerste jaren gedaan: de hele zomer de zon vermijden. Als ik dan buiten kwam smeerde ik factor 50 en hield ik de tijd dat ik buiten was zo kort mogelijk en beperkt tot de momenten dat de zon op zijn zwakst was.

Vorige week heb ik nog een lasersessie bij de huidtherapeut gehad en er werd me gevraagd of ik gelijk al weer een afspraak wilde maken. Ik heb toen even overwogen om weer de hele zomer door te gaan. Maar hield de boot af, weer een zomer als vampier door brengen leek me niet slim.

Hoe slecht dat vampieren voor me is merk ik pas wanneer ik het niet doe. Ik ben nog altijd een voorzichtige zonaanbidder en gebruik sunscreen. Maar ik schuwde de zon niet. Ik nam een voorproefje op mijn vakantie en bezocht landgoed Clingendael. Ik genoot van de tuin, van een boek in de zon, van het maken van foto’s, van een goede wandeling. Aan het einde van de dag voelde ik me fysiek moe, maar mentaal verfrist.

Mens sana, een gezonde geest. Mijn spiegelbeeld zal toch nooit exact mijn zelfbeeld reflecteren. Er zullen altijd dingen zijn waar ik me onzeker van voel. Dan kan ik maar beter zorgen dat ik geestelijk sterk genoeg ben om daar mee om te kunnen gaan. Een gezonde geest is immers een gezond mens.

japanse tuin2

Japanse tuin op Landgoed Clingendael – Foto: Fading Gender

Inflate the deflatedness?

Bladerend door mijn foto’s op zoek naar een bepaalde foto om te zien hoelang dat ook weer geleden was, stuitte ik in datzelfde rijtje ook op een toplessfoto van mezelf. Bij het zien daarvan drong het tot me door hoeveel mijn borsten zijn geslonken sinds ik in september ben gestopt met de cyproteronacetaat. Leeggelopen als een fietsband waarvan het ventiel stuk is. Ik mis de bouncyness die ik ooit voelde bij hardlopen, de zachtheid bij het aanraken, de rondingen in het silhouet in de weerspiegeling op een natte douchevloer. Precies de reden waarom ik na mijn operatie op eigen houtje weer die testosteronblokker ben gaan slikken, terwijl het medisch gezien gewoon niet nodig was. De testosteronfabriekjes zijn er immers niet meer.

De leegheid van mijn blouse en de volheid van mijn huid met vettigheid en acne. Dát was wat me dreef om die pilletjes in vieren te gaan snijden en er dagelijks een puntje van te nemen. Lang leve de progestagene bijwerkingen van die tabletjes. Ik moet bekennen: dat weer opnieuw gaan doen, ik heb nog zat van dat spul in huis, kwam gisteren opnieuw bij mij op.

Mijn bosje twijgjes holt mijn zelfverzekerdheid nogal uit, zeker nu het weer snel lente gaat worden en de zomerjurken alweer lonken. Het voedt mijn body consciousness en staat body acceptance in de weg. Ik ben er al een goede week erg hard aan het over nadenken. Deels aangeslingerd door de laatste aflevering Hij is een Zij waar het onderwerp borstvergroting aan bod kwam.

De keuze tussen vollere boobs of niet-depressief zijn werd gisteravond bijna een reële keuze. Een dilemma waarin ik bijna zou kunnen kiezen voor de boobage ten koste van mijn emotionele gesteldheid. De optie om weer opnieuw met pilletjes te gaan prutsen heb ik kort overwogen, 0.68 seconden om precies te zijn. Tot ik me besefte wat de nadelen ook weer waren, wat het me gekost heeft en tot ik me besefte dat er een optie is waar ik niet hoef te kiezen tussen een echt bestaande cupmaat en emotionele baseline boven neutraal. I can inflate my deflatedness.

In de twitterdiscussie die volgde op de laatste Hij is een Zij werd me ook gevraagd waarom ik er niet gewoon iets aan deed als ik er zo mee zat. Een inhoudelijk antwoord kon niet geven, ik kon zo geen bezwaren aandragen, behalve financiële. Als het gaat om body-modification ben ik geen groentje meer. Ik weet wat zo’n ingreep kan brengen. Wat het toevoegt in zelfbeeld en zelfverzekerdheid. En dan is het resultaat van die eerdere operatie voor de buitenwereld zo goed als onzichtbaar. Terwijl een borstvergroting veel zichtbaarder is.

Dat dit onderwerp al even in mijn hoofd zit blijkt wel. Uit een van mijn vorige blogs: toch niet klaar? Toen kwam ik er al achter dat dit in mijn hoofd nog echt wel een ding is. Ook toen iemand me laatst vroeg hoe ik dat dan deed in het zwembad of op het strand: simpel: daar ga ik niet heen, ik zwem niet. Alleen op plekken waar ik me veilig genoeg voel zal je een glimp van mijn ware grootte kunnen zien, de rest van de tijd doe ik alsof. (Mocht je het je afvragen: het is grotendeels nep wat je ziet.)

Ik heb nog wel even te gaan in dit proces, voor ik er klaar voor ben. Niet alleen mezelf verdiepen in de opties en mogelijkheden. Ook emotioneel moet het idee nog rijpen. Dat ene financiële bezwaar vind ik ook nog wel een oplossing voor: waar een wil is, is een weg.

Dit artikel is onderdeel van een reeks blogs over mijn persoonlijke issues met mijn cupmaat en de verzekeringstechnische aspecten van borstvergrotingen. Lees hier de rest van de artikelen. 

Zelfreflectie en geloof

Deze week heb ik veel tijd kunnen besteden aan zelfreflectie. Het liep samen met het afvlakken van de opgaande lijn die ik, en vooral mijn grondstemming, volgde. Niet raar overigens, uitkomen op een neutraal en een net iets positief niveau was ook mijn streven en dat heb ik nu ook in zicht. Het uitbannen van de androcur, vier weken geleden heeft een groter verschil gemaakt dan dat ik verwachtte. Op het moment dat ik besefte dat die medicatie wel eens een katalysator kon zijn en ermee stopte had ik niet durven hopen op zo’n enorm verschil.

Na een wandeling die wat langer en intensiever bleek dan gepland, moest ik ineens denken aan de riviergeest in de film Spirited Away. Deze kwam het badhuis binnen en werd aangezien voor een stinkgod. Na een uitgebreid bad en met behulp van Chihiro bleek die stinkgod de beschermgeest van een zwaar vervuilde rivier te zijn. Nu de ‘angel’ (een fiets) er eindelijk uit was kon de riviergeest weer zichzelf zijn. Ik voel me ook zo, mijn angel is er nu uit en ik kan opnieuw en vooral schoon herbeginnen. Maar mijn onderliggende problemen zijn niet verdwenen, ik moet nog steeds waken dat de rivier niet opnieuw vervuild raakt en het resterende vuil er nog uit opvissen.

Ik dacht aanvankelijk dat ik een goed half jaar geleden opnieuw ben begonnen met androcur. Maar beter rekenen brengt mij terug naar de periode rond kerst vorig jaar. Ik had last van een vette huid en veel acneklachten, daar wilde ik vanaf voor de kerst. De andere voordelen, die voortkomen uit de progestagene werking zag ik ook wel zitten. Ik heb helaas niet genoeg acht geslagen op de nadelen. Omdat ik in het verleden daar ogenschijnlijk niet zoveel last van had. In elk geval betekent dat tijdens het vroege voorjaar, mijn donkerste periode ik ook al ruime tijd aan dat spul zat.

Op dat moment heb ik alles gegooid op het overschrijden van mijn grenzen, vooral op vlak van energie, en niet goed genoeg voor mezelf zorgen. Dat dat alleen de oorzaak was. Ik herinner me nog heugelijk het moment dat ik mijn therapeut vroeg om een interventie (ik overwoog zelfs antidepressiva) en zij me vroeg hoeveel dingen ik had gedaan die waarde aan mijn leven toevoegden. In gedachten rolde er toen een tumbleweed door mijn hoofd.

Er volgde een interventie, maar niet degene die ik voor ogen had; het werd een andere therapievorm: Acceptance & Commitment Therapie. Daarmee heb ik een hoop dingen geleerd om beter om te gaan met de somberheid. Dat hielp, maar achteraf gezien bleek ik ijverig de vervuiling uit de rivier te scheppen terwijl er een stuk stroomopwaarts de rommel er nog net zo hard in werd gegooid. Ik heb nu het gevoel de vervuiler aangepakt te hebben en dat ik op mijn gemak de overgebleven rotzooi definitief uit de rivier kan vissen.

De komende twee maanden gaan een dan ook een uitdaging zijn. Het wordt een duurtest waarin ik kan gaan zien of ik mijn stemming stabiel en de rivier ook echt schoon kan houden. Vorig jaar is deze periode funest geweest en raakte ik rock bottom in het vroege voorjaar. Ik heb nu een beter inzicht in mijn grenzen en ben mezelf veel bewuster van de signalen die aangeven dat het de verkeerde kant op gaat. Ondertussen ben ik waakzaam, ik wil het graag zelf doen, maar ik sta open voor het besef dat ik op een gegeven moment het toch niet in mijn eentje kan en dat hulp van buitenaf kan bijdragen.

Om alles een tastbaar symbool te geven heb ik deze week mijn armband voorzien van een nieuwe charm: belief. Voor het geloof in mezelf dat ik de balans die ik nu heb bereikt vast kan houden. Voor het geloof in mijzelf dat ik sterker ben dan mijn duistere gedachten. Dat ik deze niet hoef plat te walsen, maar op een goede en gezonde manier kan toelaten in mijn leven zonder deze de overhand laten nemen. Dat is een van de belangrijkste dingen die ik leerde van ACT pijn en verdriet moet je soms gewoon omarmen, het maakt deel uit van het leven.

Belief – Affection – Positivty

Als je net zo geeky bent als ik: het is een obsidiaan, ik ben nu lid van de Obsidian Order.

Als kammen een nachtmerrie wordt

Plukken in het douche putje, mijn borstel iedere ochtend twee keer schoon moeten maken.

Mijn grootste angst, eenzaamheid, kan ik steeds beter een plek geven in mijn leven op een manier en plaats waar deze geen onnodig pijn meer doet. Dat heeft de nodige moeite en hulp gekost. Maar het voelt nu alsof ik nummer twee op het lijstje met mijn grootste angsten onder ogen moet gaan zien: mijn haar verliezen.

Mijn haar is een bepalende factor in mijn zelfbeeld, het weegt  zwaar mee in mijn passabiliteit. Is het niet naar de buitenwereld toe dan is het wel naar mijzelf. Het heeft jaren geduurd voor ik mijn haar in een staart durfde te dragen. Omdat ik bang was dat mijn aangezicht te mannelijk zou worden als er niet die enorme bos krullen langs mijn hoofd hing. Pas sinds deze zomer doe ik het regelmatig en dan eigenlijk altijd nog met een gekleurd lint erin om maar de aandacht van de haarlijn op mijn voorhoofd af te leiden.

Al een flinke periode, maanden, heb ik het idee dat mijn haar weer meer en meer aan het uitvallen is. Toen ik het vanmorgen in een staart deed voor mijn hardlooprondje viel me op dat de bos haar in mijn hand dunner was dan voorheen. De hoeveelheden die ik ’s morgens uit mijn doucheputje en borstel vis lijken dan weer steeds groter. En dat komt niet  alleen maar omdat mijn haar langer is dan ooit te voren.

Ik kom nu op het punt van wanhoop en heb de afgelopen maanden al semi-clandestien weer cyproteron-acetaat geslikt in de hoop dat het zou helpen. Semi omdat het gewoon oude voorraad van mezelf is. Kort voor de operatie had ik nog een receptje opgehaald bij de apotheek. Als je van die twee pillen per dag maar een kwart pilletje per dag neemt, strekt zo’n voorraad van drie maanden ineens anderhalf jaar.

De medicatie lijkt echter niet te helpen. Want ik heb niet het idee dat ik minder haren in mijn borstel vindt. Ergens had ik dit ook wel verwacht, bij mijn laatste controle (vóór ik weer begon met de cyproteron), was mijn testosteronspiegel onmeetbaar laag. Terwijl je toch echt testosteron en het daaruit aangemaakte dihydrotestosteron nodig hebt om je kaalheidsgenen tot uiting te laten komen. Maar in het verleden heb ik duidelijk resultaat gemerkt waar het om mijn haar ging. Het was de moeite waard om te proberen.

Inmiddels ben ik ook maar weer begonnen met het gebruik van speciale shampoo die belooft kaal worden af te remmen en haar groei te bevorderen. Ik ben altijd sceptisch tegenover dat soort producten. Altijd beloftes en mooie reclame, maar nauwelijks wetenschappelijk onderzoek dat de marketingclaims onderbouwd. Ik had het al een tijdje in huis, echter sinds mijn vakantie niet meer gebruikt ten faveure van mijn gebruikelijke John Frieda. Vooral omdat mijn haar er nog droger en pluiziger van leek te worden dan het toch al is. Nu ga ik het toch maar weer een kans geven, want liever droog en pluizig haar dan géén haar. Borstel

Daniëlle Denkt Daten

Ik dacht de afgelopen jaren, zo ongeveer sinds mijn laatste relatie stukliep een jaar of 4 geleden, dat iedere toekomstige poging tot daten direct gericht moest op langdurige relaties. Want eenzaamheid was mijn grootste angst en dat moest koste wat het kost voorkomen worden Nu is die angst er nog steeds, en staat deze nog steeds heel erg hoog boven aan mijn lijstje. Maar ik ben er anders over gaan denken. Daar hebben de afgelopen maanden aan therapie bij geholpen.

Die gedachte dat de eerste de beste date gelijk met de ware-materiaal zou moeten zijn werkt nogal fnuikend. Het verlamde me, daarom hield ik het maar af en durfde ik het niet te doen. Bang om een blauwtje te lopen, want wat als ik op date ga met iemand en die wil niet de rest van haar leven met mij samen leven.Casual dating zat niet in mijn vocabulaire, ook al zie ik het genoeg mensen om me heen doen, voor mijzelf was het out-of-the question. Het zelfs maar aanspreken van iemand moest gericht zijn op establishing a longterm relationship. Dus ik deed het maar niet.

Even tussendoor: mensen die mij persoonlijk kennen weten dat er iemand in mijn leven is die ik soms benoem als partner of relatie. Dat klopt zo ongeveer: wat er tussen ons is, is meer dan een vriendschap, maar het is geen romantische relatie. ‘It is complicated’ Al vinden we dat een heel stomme term om te gebruiken. 

Zelfreflectie
De afgelopen weken heb ik tijd uitgetrokken voor zelfreflectie en nadenken over de grote dingen in het leven. Zo zittend bovenin een rumoerige La Place en later op doodstille plekken op de Hoge veluwe kwamen er ook andere dingen boven. Mijn schetsblok bevat inmiddels een flink aantal pagina’s met mijn gedachten over levensdoelen, spiritualiteit, seksualiteit en relaties. Schrijven is nog altijd de beste manier om mijn gedachten te ordenen.

Uit die dagen van zelfreflectie kwam al eerder duidelijkheid over mijn onzekerheden omtrent seksualiteit en intimiteit. Dat ik die onzekerheid niet meer dat enorme obstakel vindt scheelde al één enorme barrière die me in de weg stond als het ging om dating. De gedachte, of eigenlijk angst, van: “Ja maar, wat als een date zo fijn verloopt dat het verder gaat dan zoenen?” Yups, je leest het goed in mijn hoofd kon een date té goed gaan en had ik daarom liever geen date. Scheelde de wat als scenario’s in mijn hoofd.

Maar het alleen maar kunnen daten met als doel een vaste relatie zat nog stevig in mijn hoofd verankerd. Na mijn laatste wandeldag in de natuur heb ik ook daarin dingen los kunnen laten. Voornamelijk door het opschrijven wat ik nu zo enorm mis in het niet hebben van een relatie, en het bedenken welke waarde ik daarin zoek. Zo naar dat lijstje kijkend besefte ik dat voor lang niet alles gelijk the one and only tegenover me hoefde te hebben om gewoon eens op date te gaan. 

Met een casual date kan je ook gewoon een leuke avond hebben, misschien zelfs een paar avonden en misschien zelfs meer dan alleen een avond. Als het dan toch niet lekker loopt dan is dat niet erg. Een boek dat me interessant lijkt maar waar ik toch niet doorheen kom leg ik ook naar een paar hoofdstukken weg. Het hoeft niet gelijk een commitment tot het einde te zijn. Met daten net zo: soms is die klik er niet en dat is prima en soms is die klik er maar tijdelijk en dat is ook goed.

Daniëlle Doet Daten
Nou, dat is wel heel hard van stapel lopen. Ik verwacht niet in korte tijd een hele rits aan dates te hebben. Maar ik stel mezelf er wel voor open. Voor het hebben van casual dates, voor het lopen van blauwtjes, voor een andere benadering van het hele date en relatie vraagstuk. In mijn hoofd beginnen de mogelijkheden langzaam een beetje uit te kristalliseren. En het enige wat ik ervoor hoefde te doen was mijn allergrootste angst onder ogen zien en niet meer mijn pootjes ernaar laten hangen.

Emotionele eerste hulp

Als we een snee hebben, plakken we een pleister, op een schaafwond sprayen we Sterilon – “Heus, het doet écht geen zeer!” Ik heb het mijn moeder vaak horen zeggen als ik weer eens op de wasmachine zat. – en als we een arm breken melden we ons dezelfde dag nog in het ziekenhuis voor een röntgenfoto en gips. Als we kiespijn hebben, dan zitten we spoedig in de stoel van een tandarts, hoe bang we ook voor de beste medicus zijn. Alle fysieke verwondingen en kwaaltjes verzorgen we, we hebben EHBOtrommeltjes in huis, op het werk en zelfs in de auto voor het geval er iets mocht gebeuren.

Maar wat als we een emotionele wond oplopen, wat doen we dan? Helemaal niks! Het moet minstens het emotionele equivalent van een acute blindedarmontsteking zijn, willen we eens naar de huisarts toe voor psychische bijstand. Pas als we er écht niet meer omheen kunnen zoeken we hulp. In ons arsenaal ontbreekt het aan emotionele hygiëne en emotionele EHBO. De kleinste psychishe wondjes kan je nog best negeren, net zoals hun fysieke tegenhanger genezen ze vanzelf wel. Maar de grotere zullen we toch moeten ontsmetten en beplakken met een pleister als we een ontsteking en littekens willen voorkomen. Toch doen we dat niet, we laten zaken op hun beloop en negeren het probleem in de hoop dat het vanzelf over gaat.

Ook ik kan niet de eerste steen werpen als het om deze dingen gaat. Want ook ik heb lang mijn emotionele blessures genegeerd. Toen ik ze wel durfde te erkennen heb ik alsnog een tijd gehoopt dat het wel vanzelf over ging. Uiteindelijk zag ik gelukkig in dat ik het in mijn eentje echt niet ging redden en ik gewoon wat hulp van buitenaf nodig heb.

De olifant in de kamer

De engelse taal kent een uitdrukking the elephant in the room, de olifant in de kamer, daar duiden ze problemen mee aan die te groot zijn om omheen te kijken, maar toch genegeerd worden. Emotioneel gezien is genderdysforie mijn olifant, de olifant in mijn bovenkamer. Dat dier heeft in de afgelopen jaren eindelijk een mooi ruim buitenverblijf gekregen. Ik heb er een groot deel van mijn leven mee gekampt en het heeft ook best geduurd voor ik überhaupt zag dat er een olifant was.

Nu die olifant weg is kan ik de kamer zélf zien, en die kamer is een rommeltje. Lange tijd is de slechte staat van mijn kamer onzichtbaar geweest omdat er een groot grijs dier in stond. Sommige rommel is door de olifant veroorzaakt, andere rommel staat er los van, maar kon niet aangepakt worden omdat er een olifant in de weg stond. Nu het dier weg is kan ik mijn kamer opruimen en dat ik waar ik nu mee bezig ben.

Mentale gebroken arm

Als ik het moet vergelijken met een fysieke blessure zou ik zeggen dat ik het mentale equivalent van een gebroken arm heb. Niet iets ernstigs of levensbedreigends, maar zonder professionele hulp zal het nooit goed genezen. Onderwijl kan je ook best functioneren, zij het dat sommige dingen behelpen zijn en heel af en toe iets gewoon niet lukt. Bij mij uit dit in stemmingsproblemen: ik sombere periodes, de ene keer heftiger dan de andere keer.  Een vriendin noemde het laatst mijn jarenlange winterdepressie. Dat is een rake beschrijving: want het gaat inderdaad zo op en neer en mijn stemming wordt beïnvloed door externe factoren.

Die gebroken arm zet zichzelf niet netjes recht, net zoals mijn stemmingsproblemen wat hulp nodig hebben om op de juiste manier te verdwijnen. Ik heb daarvoor hulp van een psycholoog waarmee ik bezig ben met ACT, Acceptance and Commitment Therapy. In deze therapie richt ik me vooral op het leren omgaan met externe factoren, vooral de negatieve en die op de juiste wijze accepteren. Dit bevalt me uitstekend, het leert me om beter met teleurstellingen om te gaan door ze te verwelkomen in mijn leven, in plaats van koste wat het kost te vermijden. Het klinkt wat tegenstrijdig, maar ik heb nu al veel baat bij deze levenshouding. Al lukt het me nog lang niet altijd even goed, het is ook gewoon lastig om je grootste pijnen in je leven te omarmen.

Al met al ben ik blij dat ik tóch eindelijk professionele hulp heb gezocht, ik kan het iedereen aanraden. Ik weet uit ervaring dat die drempel heel erg hoog is om overheen te stappen. Er rust in de maatschappij nog een groot stigma op psychische problemen. Ofwel je wordt niet serieus genomen en je klachten gebagatelliseerd. Tegen mensen die kampen met depressieve klachten wordt vaak genoeg gezegd dat ze ‘gewoon lekker vrolijk mee moeten doen’. Geloof mij: het is niet zo makkelijk, soms is uit je bed komen en jezelf aankleden gewoon teveel gevraagd. Als er niet gebagatelliseerd wordt, dan drukt men wel een flink stempel op zij die ervoor uit durven komen dat ze mentaal even niet zo fit zijn.

Psychische pleisters

Mocht je ergens mee zitten, jezelf in je mentale vinger hebben gesneden, of zijn gestruikeld en een flinke schram op je emotionele knie hebben: Psycholoog Guy Winch heeft op TED alvast 7 gereedschappen voor emotionele eerste hulp, om in je verbandtrommel te stoppen. In zijn TED Talk gaat hij er nog wat dieper op in. Deze voordracht van Winch is ook mijn inspiratie geweest voor deze blogpost.

Mocht je er in je eentje nou niet uit komen: schroom niet om hulp te vragen. Dat kan bijvoorbeeld een goede vriend zijn waarmee je kan praten. Soms is iets delen al heel verhelderend, omdat je door het moeten uitleggen van je probleem je gedachten al op een rijtje zet. Als je er dan nog niet uit komt: je huisarts weet raad. Veel huisartsenpraktijken hebben tegenwoordig een Praktijkondersteuner GGZ. Met kleine kwetsuren kunnen zij je vaak al helpen en als dat niet voldoende is weten ze je de juiste richting op te wijzen.