A trip down memory lane

Soms kom ik dingen tegen die me op een trip down memory lane sturen.

Vorige week spotte ik een nieuwsberichtje dat Team Europe de RyderCup dit jaar heeft gewonnen. Nu is de Rydercup in Nederland weinig bekend maar in de golfwereld is dit twee jaarlijks toernooi toch wel een groot evenement. Ik moest toen terug denken aan exact tien jaar geleden, toen liep ik ook rond op dat toernooi, editie 2001. Dat rekensommetje klopt trouwens, vanwege 9/11 is het toernooi destijds een jaar uitgesteld. Ik liep toen stage in Engeland en werd door mijn stagehotel uitgezonden naar het hotel waar de Rydercup plaats vond. Die week is een enorme ervaring geweest en heeft erg veel indruk op mij gemaakt. De zwaarste aardbeving die het Verenigd Koninkrijk ooit heeft gekend heeft duidelijk minder indruk op me gemaakt. Ik sliep er rustig doorheen op luttele kilometers van het epicentrum.

Dit is slechts een van de ervaringen die ik heb meegemaakt in mijn ‘oude leven’ en die ervaring koester ik. Ook al heb ik die ervaringen opgedaan als jongen. Ik ben van mening dat alles wat je meemaakt je vormt tot wie je bent. Mijn oude leven weggooien en vergeten wil ik dus zeker niet. Ik hoor van lotgenoten soms andere dingen. Zij willen niet aan hun oude leven herinnert worden, ze verbreken contacten met vrienden, verhuizen naar een andere stad en bouwen een compleet nieuw bestaan op. Ik snap dat aan de ene kant wel. Het geeft een duidelijk punt van afsluiting en een mooi moment van een nieuwe start. Ik heb ook zo gehandeld,  op kleinere schaal dan. Ik ben op mijn werk mijn nieuwe naam gaan gebruiken na twee weekjes vakantie om zo ook mijn collega’s een moment te geven om over te schakelen. Maar mijn oude leven verbannen uit mijn geheugen zal ik niet doen en dát is wat sommigen wel doen: ze gaan stealth en wissen hun oude leven en bestaan zoveel als ze kunnen.

Zo was ik vanmiddag in een van de winkels waar ik vroeger heb gewerkt. Ik ben daar al een hele tijd niet meer geweest dus het was wel weer gezellig. Wat gepraat met mijn oude collega’s van daar.  Tot op het moment er een vraag kwam: of ik uit de collage gehaald wilde worden. Er hangt daar een fotocollage, gevuld met foto’s van de opbouw en beginperiode van de winkel. Daar sta ik natuurlijk ook tussen en dat mag ook lekker zo blijven. Die periode daar is een deel van mijn leven, ik heb met veel plezier daar gewerkt. Ik ben dan wel niet zo blij met hoe ik eruit zie op die foto’s, ik was daar wel en ik was deel van de gebeurtenissen. Die collage is niet alleen een herinnering voor mij, maar ook voor anderen.

Dat ik niet tevreden was met mijn lichaam staat verder buiten het wel of niet waarderen van mijn ervaringen. Ja, uiteraard zou ik het liever anders hebben gezien. Maar dat is nu eenmaal niet zo. Ik moet er gewoon het beste van maken nu ik daar de kans voor heb. Mooie herinneringen uit het verleden moet je koesteren, dat doe ik ook. Ik hoef niet à la Back to the Future uit het verleden gewist te worden.

Van de RyderCup rest mij een mooie herinnering en dit beeldje. Dat staat nog gewoon in mijn huiskamer.

Zomerkleding en voortgangsdrempels

Het is weer zomer, ook al laat de temperatuur het na een warme lente een beetje afweten. Zomer betekent de tijd van luchtige kleding, korte mouwen en blote benen. Al die zomerkleding is weer stof tot nadenken. Het zet mij voor een dilemma, een drempel die ik niet goed over durf. Ik voel mij nu een beetje half-om-half. Ik wil graag de vrouwelijke kant op in mijn voorkomen, vrolijke en vooral koele zomerjurken dragen, maar wordt helaas nog altijd standaard en meestal zonder aarzeling gemeneerd. Daardoor durf ik niet goed een expliciet vrouwelijker kledingstijl aan te meten en blijf ik hangen in min of meer androgyne nietszeggende t-shirts en driekwart lengte broeken. Dat geeft mij weer veel mannelijker voorkomen, men gaat meneer tegen me zeggen en het cirkeltje is weer rond.

Ergens zou ik het liefst een complete zomergarderobe aanschaffen in een vintage-fifities stijl. Merken als King Louie en Who’s that Girl (waar een collega me vandaag over tipte) vind ik echt helemaal geweldig. Polkadots, vrolijke felle kleuren, bloemenprintjes, the works. Maar dan  loop ik weer tegen die drempel aan: durf ik wel zulke opvallende kleding te dragen? Is het nog niet een stap te ver? Mijn onzekerheden en zelfbewustzijn nemen nu alweer een loopje met me.

That’s me! Na zo’n zes weken cyproteronacetaat.

Afgelopen week heb ik een stijltang gekocht om dat rare krullerige haar eens een beetje in het gareel te krijgen. Ik houd niet van mijn krullen, nooit van gehouden ook. Stijlen dus. Op verzoek van een vriendin die nieuwsgierig was naar het resultaat maakte ik deze foto. (Jawel, Fading Gender krijgt een gezicht.) En eerlijk gezegd is dit de eerste foto ooit waarvan ik zelf vind dat ik er leuk op sta.  terugkijkend is dat wel triest, maar ik leef in het heden en kijk liever vooruit. De veranderingen na een week of zes enkel cyproteronacetaat zijn nog klein maar zichtbaar, het geeft mijzelf een gevoel van vooruitgang. In reactie op deze foto kreeg ik diverse reacties op deze foto. Onder andere de tip om te experimenteren met haarbanden en een rechte pony, om zo mijn inhammen te camoufleren. Eentje kan ik wel verbergen met mijn eigen haar, ook die andere kant verbergen zal niet lukken zonder dat het een obvious comb-over wordt. Ik overweeg om in de toekomst het te laten opvullen met een transplantatie. De toekomst zal moeten uitwijzen of daar een noodzaak aan is.

Terug naar de zomerkleren. Dezelfde collega die mij over Who’s that Girl tipte, stelde ook al voor om iets van een bijpassende haarband te dragen. Dat strookt ook nog eens helemaal met de fifties look and feel van die kleding. Zo keren we ook weer terug naar waar ik dit blogje mee begon: die drempel over. Ik zal eens die stap moeten zetten om mijn voorkomen te veranderen. Dan niet alleen op besloten feestjes met vrienden de me gewoon accepteren voor wie ik ben en door het hele issue van transseksualiteit heen kijken. De keren dat ik buiten die comfortzone ben getreden is nog heel beperkt. Niet al te opvallende zwarte jurk met voor de ‘veiligheid’ nog een paar jeans eronder.

Die drempel moet ik over. Want als ik fulltime ga leven als mezelf, en me ook als vrouw zal moeten presenteren naar de buiten wereld zal ik nog niet enorm veel hulp hebben gehad van de medicatie. Ja, de anti-androgenen die ik slik zorgen voor een langzame ontmannelijking. Maar de echte vrouwelijke kenmerken komen pas naar voren als de oestrogenen beginnen in te werken. Het moment dat ik begin met oestrogenen, zal samenvallen met het moment dat ik full time ‘om’ ga. Ik zal het in het begin dus op eigen kracht moeten doen.

In de komende weken heb ik nog wat vrije tijd die ik niet hoef te besteden aan mijn nieuwe huis. Wellicht dat ik naar de Amsterdamse 9 straatjes afreis om wat kleding te shoppen en gewoon maar over die grote enge drempel heen moet stappen. Gelukkig zijn er nog gradaties tussen onopvallende karakterloze outfits en over de top frilly bloemetjes. Ondertussen ook opzoek naar een deskundige logopedist in de buurt.