‘Trannier than thou’

Dat er weerstand uit de conservatieve en christelijke hoek tegen de transgenderwet zou zijn had ik niet anders verwacht. Maar er ik zie ook veel weerstand tegen het wetsvoorstel vanuit een hele onverwachte hoek: transseksuelen.

Dit blogje behoeft wat uitleg over het transjargon om een ander uit te kunnen leggen. Om te beginnen is transgender een parapluterm, daaronder vallen alle afwijkende gendervariaties, van travestie tot transeksualiteit. Transseksueel geeft aan dat iemand de wens heeft om fysiek zijn of haar sekse of fysieke geslacht te veranderen. Ik gebruik die term niet vaak om mijzelf te omschrijven, ik vind het woord niet prettig klinken met alle harde klanken en het geeft onterecht het idee dat het om seksualiteit gaat in plaats van sekse. Binnen de transseksuelen wordt er onderscheid gemaakt tussen: Pre-ops, zij die nog een operatie wensen te ondergaan. Post-ops, zie die reeds de geslachtsveranderende operatie achter de rug hebben. En er zijn de non-ops, zij die geen operatie willen om welke reden dan ook. Persoonlijk zou ik nog een vierde categorie willen noemen: de nog even niet-ops, zij die er nog niet zeker over zijn of ze een operatie willen.

Online heb ik in de transgemeenschap al eerder een zeker trannier than thou-sentiment (transer dan gij) gezien. Transseksuelen die er zeker van zijn de operatie te willen of die al geopereerd zijn, de pre-ops en post-ops, kijken nogal eens neer op mensen die de operatie niet willen, nog even uit stellen of er gewoon niet zeker van zijn. Die zijn in hun ogen dan niet trans genoeg. Ze voelen zichzelf echt beter en verhevener boven transgenders die (nog) geen operatieve ingreep wensen. Ik heb fora gezien waar je als transgender botweg niet welkom bent. Alleen als je écht van plan bent om die stap te zetten dan ben je er welkom, anders ben je niet echt genoeg.

Er zijn genoeg redenen om de operatie niet te willen of uit te stellen. Bijvoorbeeld een kinderwens. Het is voor een transvrouw niet heel erg ingewikkeld om voor de behandeling aanvangt nog sperma in te laten vriezen. Eicellen oogsten en invriezen kan wel, maar heeft nogal wat om het lijf. – In de transgenderwet is trouwens een clausule opgenomen om het moederschap van een kind dat is gebaard door een man te registreren. – Operatieve ingrepen kunnen om diverse redenen te belastend zijn voor het lichaam. De resultaten van operaties zijn soms twijfelachtig, bevredigend resultaat wordt niet gegarandeerd en vaak zijn er nog correcties nodig. Om zo maar eens een paar dingen te noemen. Als je dat er allemaal niet voor over hebt, dan ben je een minderwaardig. Dat is wat ik bedoel met trannier than thou.

De zichzelf verheven voelende transseksuelen zijn nogal eens tegen de transgenderwet. Immers, dat wetsvoorstel maakt het mogelijk om juridisch het geslacht te veranderen zonder dat daar een verplichte operatie aan vast zit. De redenen die ze geven variëren. Ik heb de inflatie van geslacht gehoord, hun operatie is minder waard geworden. Ze vinden dat de overheid in je onderbroek móet kijken en het geslacht alléén maar gebaseerd mag zijn op een in het dagelijks leven onzichtbare variabele. Ze vinden dat ze last hebben van transgenders omdat hun omgeving hun wens tot operatie minder serieus neemt. Dat zijn de dingen die ik tot nog toe heb gehoord.

Met twee van de argumenten walsen ze nogal even over artikel 11 van de grondwet heen: de onaantastbaarheid van het lichaam. Dat laatste argument zegt meer over de maatschappij dan over de verdeeldheid tussen transgenders en transseksuelen zelf. De medische en psychologische wetenschap erkent inmiddels dat er meer is dan een strakke binaire tweedeling in genders. Tot niet heel lang geleden kon je bij het VUmc niet terecht voor behandeling als je de operatie zou willen laten. De genderteams zijn inmiddels tot inkeer gekomen en hebben een breder ruimer inzicht. Het kabinet, bij monde van Staatssecretaris Teeven, volgt dat inzicht en vanuit het parlement gaan er zelfs stemmen op om het idee van gender in de wetgeving helemaal los te laten. Naar dat laatste gaat ondezoek gedaan worden, kan nogal consequenties hebben voor onder andere het familierecht.

De menselijke psyche is een complex iets en iedereen is een special snowflake. Ik snap dat het voor bepaalde dingen gewoon nuttig kan zijn om mensen te labelen. Maar dat anderen op basis van een arbitrair fysiek kenmerk bepaalt hoe ik mijn leven moet lijden, daar kan ik niet tegen. Zeker niet als dat vanuit een hoek komt die ik zie als lotgenoten.  Ik voel me nu nog minder geneigd om me te classificeren als transseksueel. Gewoon omdat ik niet wil worden geassocieerd met een stelletje…. Laat ik die Godwin maar even niet maken.

Tenslotte nog even de kanttekening dat lang niet alle zichzelf als transseksueel definiërende individuen tegen de transgenderwet zijn en zich beter dan transgenders voelen. Maar dat ze er zijn, vind ik al erg genoeg. Vooral jammer vind ik het dat er zo nóg meer verdeeldheid ontstaat die onze een kleine groep niet echt sterker maakt in het maatschappelijke debat.

Mijn gevangenis

Ik leef al mijn hele leven in een gevangenis; een gevangenis gevormd door mijn eigen lichaam. Met de maatschappij als cipier. Die gevangenis houdt mijn innerlijk gevangen en heeft een nette hoge muur om haar heen gebouwd, zodat ze maar niet naar buiten kan. Voordat ik wist dat het ook anders kon, was dat niet eens zo erg. Maar sinds ik eenmaal op verlof ben geweest en van de vrijheid geproeft heb, valt het me zwaar om terug mijn cel in te moeten voor het dagelijks leven.

De maatschappelijke discussie over de zogenaamde luxe van de Nederlandse gevangenissen laaien zo af en toe weer op. Onlangs zag ik een aflevering van het TV-programma Buch in de Bajes. Nederlandse gevangenissen lijken geenszins op wat wordt vertoont in Locked-Up Abroad, wat in beeld brengt hoe gevangenissen in bijvoorbeeld zuid-oost Azië en Zuid-Amerika, er van binnen uitzien. Wel hoor je van de gedetineerden waar Menno Buch mee spreekt dat niet de aan- of afwezigheid van luxe het in de gevangenis zitten zwaar maakt, maar het gebrek aan vrijheid. Dat je niet kan doen wat je wilt, wanneer je dat wilt en op de manier waarop je dat wilt. Aan dat gevoel, dat gebrek aan vrijheid, kan ik relateren. Ik heb verder namelijk wel alle luxe die ik zou kunnen wensen, maar geen vrijheid. Zonder die vrijheid is die luxe weinig waard.

Mijn gevangenis weerhoud mij ervan om me te kunnen en durven uiten zoals ik dat wil. Bepaalde gevoelens en interesses aan de buiten wereld tonen, dat is eng en moeilijk. Die beperkingen ervaar ik dagelijks, in allerlei kleine dingen. Dingen waar anderen, die geen genderdysforie hebben, waarschijnlijk niet eens over nadenken. Dingen als het kopen van kleding, keuze in accessoires, publieke toiletten, keuze in tijdschriften (krijg ik standaard de vraag of het een cadeautje is) naar de kapper, of een schoonheidsspecialist gaan. Bij die laatste twee heb ik no zo ongeveer een vaste openingszin: “Ik ben transseksueel, en streef naar een vrouwelijker voorkomen…..” Over het algemeen uit dat in een aangenaam gesprek over mijn proces. Maar daar wil ik toch wel vanaf. Ik wil aangezien worden voor wíe ik ben niet voor wát ik ben. Als ik zin heb om de Viva te lezen, of de Elle, of een ander tijdschrift dat ik nooit las. Dan is dat niet omdat ik daar plotseling interesse in heb gekregen, dan is dat omdat ik nu begin uiting aan die interesses te durven geven.

Ik wil eigenlijk maar één ding: gewoon kunnen zijn wie ik ben. In alle vrijheid, zonder beperkingen, zonder rare blikken, zonder commentaar. Ik heb nu al 29 jaar in mijn gevangenis geleefd, ik vind het genoeg! Ik heb er genoeg van dat er maatschappelijk wordt bepaald wat ik allemaal wel en niet mag. Het einde van mijn straf komt in zicht en zo af en toe heb ik al proefverlof, na bijna 30 jaar zonder echte vrijheid om mezelf te kunnen zijn. Ondanks dat al die vrijheid me best angst inboezemt heb ik genoeg van mijn gevangenis. Ik laat me niet meer terug stoppen. Ik laat niemand mijn regime verzwaren en ik laat zeker niet toe dat mijn straf wordt verlengd. Ik wil mijn gevangenis uit!

Ik wil dit niet!

Soms krijg ik wel eens het gevoel dat ‘men’ denkt dat ik dit allemaal maar voor mijn lol doe. Juist, ik vind het gewoon heel gezellig zo’n maandelijks praatuurtje bij de psycholoog. Die keuzes die voor de rest van mijn leven onomkeerbare lichamelijke gevolgen hebben, och dat doet iedereen toch. De hele werking van je endocrine systeem door de war gooien, peanuts! Je hele sociale leven op de kop zetten en compliceren is geen probleem. Voor jezelf drempels op de arbeidsmarkt opwerpen, maakt niet uit!  Al die drempels en onzekerheden over de meest basale dingen in je leven overwinnen dat doen we toch allemaal?

Ik doe dit echt niet vrijwillig of omdat ik het leuk vindt. Mijn XX chromosoom, dat mijn fysieke geslacht bepaald, heeft gewoon een pootje te weinig meegekregen ergens in een celdeling. Nou ja, poep gebeurd, “When life gives you lemons, you make lemonade.” En meer van die cliché’s Gelukkig is de medische wereld er inmiddels van overtuigd dat het onethisch is om iemands persoonlijkheid volledig te onderdrukken. In plaats daarvan wordt genderdysforie gezien als iets lichamelijks. Lichamen hebben geen gevoel, geen emotie dus daar kunnen we wel aan sleutelen. Lichamen kan je ombouwen (Ha, ik zei het O-woord!!) zodat het fysieke beter bij het geestelijke past. Wat dat betreft zie ik genderdysforie niet anders als geboren worden met een hazenlip, of een extra vinger. Een fysiek defect dat gerepareerd dient.

Sommige mensen zien de stappen die ik zet als een keuze. Daar hebben ze gelijk in, als je kiezen tussen je leven lang zeker ongelukkig zijn of een goede kans hebben om wél te gelukkig te zijn en je thuis te voelen in je eigen lichaam een keuze noemt. Ik vind het niet een keuze, ik vind het ‘het beste van het leven proberen te maken. Kinderen nemen, nog zo’n lifetime commitment met een boel gevolgen, dat is in mijn ogen wél een keuze. Maar daar hoor je zelden iemand over. Zeggen dat iemand beter géén kinderen neemt, om wat voor reden dan ook, is al helemaal not done. Maar blijkbaar is het tegen transgenders zeggen dat ze hun gekozen pad beter niet bewandelen bon-ton. Ik heb dat ‘advies’ al meerdere malen gekregen.

Ik had veel zelf ook oneindig veel liever zonder al die complicerende factoren geboren geworden. Gewoon in een situatie waar geslacht en gender wel op één lijn zitten. Dat had mijn leven een stuk eenvoudiger gemaakt in deze maatschappij met haar strikte genderbinaire denkbeelden. Dat had een heleboel onzekerheid gescheeld en mij niet zo’n negatief zelfbeeld gegeven. Gelukkig heb ik een vriendengroep die niet alleen in grijstinten maar zelfs in een volledig kleurenspectrum denkt als het gaat zaken als om persoonlijkheid, geaardheid en gender. Dat maakt mijn leven wel een heel stuk dragelijker.

Het doel dat ik wil bereiken is voor mij duidelijk. Dat doel wil ik ook echt bereiken. Dat hele proces waar ik door heen moet, dat kan ik missen als kiespijn. Echt, ik wil dit allemaal niet. Maar toch doe ik het!