Beste reiziger…

Uiteraard is mij een paar keer gevraagd wat ik van de genderneutrale omroepen van de NS vindt. Mijn eerste gedachte, en leedvermaak, waren alle gekrenkte dames en heren die online hun onvrede met deze ontwikkeling uitten.

Als ik de commentaren onder de nieuwsberichten en op social media zie valt het mij op dat vooral de groep die graag de woorden als SJW’s, linkschmensch, gutmensch, en policors bezigt ineens zoveel waarde hecht aan correcte aanspreekvormen. Men moet normaal doen en zich maar vooral niet beledigd voelen en gewoon gehoorzamen.

Als LGTQIA+ minderheid mag je precies zijn wie je bent in Nederland. Zolang je maar niet opvalt en je precies gedraagt zoals de cis-meerderheid dat het liefste ziet. Mannen die hand in hand lopen zijn aanstootgevend. Vrouwen die zoenen worden behandeld alsof ze een live pornovoorstelling geven. Verbaal en fysiek geweld moeten we als LGBT’er maar normaal vinden en ‘gewoon’ een dikke huid kweken of de gevolgen maar dragen.
Het was hetzelfde riedeltje als er eens gewezen wordt op privileges van de meerderheid. Door anderen dezelfde privileges te gunnen, of dat nu een huwelijk is, mogen dienen in het leger, een veilig toilet of inclusive taalgebruik voelen de geprivilegieerden zich te kort gedaan. Als je niet beter zou weten zou je nog denken dat de overheid een belasting op het niet uitmaken van een minderheid had geïntroduceerd.
Persoonlijk voel ik mij prima aangesproken als een een omroep begint met “Dames en Heren.” Ik identificeer als vrouw en voel mij daar comfortabel bij. Maar inmiddels heb ik ook genoeg mensen leren kennen die zich daar minder prettig bij voelen. Mensen die schuilgaan achter de Q en I van de LGTQIA+. Een grote groep is het niet, ik ken er verhoudingsgewijs gewoon veel. Desalniettemin is het een geval kleine moeite, groot gebaar. Nog belangrijker: het is een duidelijk standpunt in een tijd dat discriminatie van minderheden onder het mom van ‘vrijheid van meningsuiting’ steeds meer salonfähig wordt gemaakt.
In een week waarin de Amerikaanse president op eigen houtje beslist dat alle transgender militairen oneervol ontslag moeten krijgen. En dat onze eigen Stichting Ideële Reclame selectief terug naar de jaren ’50 wenst te gaan. -In de tijd van enkel mannelijke onderwijzers werd ‘jongensgedrag’ beloond met een paar fikse tikken met een liniaal. Buiten dat het de campagne ontbreekt aan iedere wetenschappelijke onderbouwing.- Is het voortschrijdend inzicht van de NS en de Gemeente Amsterdam erg welkom.
Ik kan me echt op geen enkele manier voorstellen hoe je als cispersoon benadeeld wordt als de omroep op het station begint met “Beste reiziger” in plaats van “Dames en heren”. Als het vervolg van die omroep is dat mijn trein 25 minuten vertraging heeft, voel ik me met beide aanspreekvormen evenveel benadeeld als aangesproken. Omdat ik voor anderen niet kan bepalen door welke woorden zij zich beledigd of buitengesloten voelen nodig ik je uit om me dat uit te leggen. Je kan hieronder, als je wilt zelfs anoniem, uitleggen waarom jij zoveel moeite hebt met: “Beste reiziger.”

Algemeen Dagblad: transvrouwen zijn mannen

Noemde ik gisteren het nieuwsbericht in het AD waarin transvrouwen met ‘mannen’ werden aangeduid. Nou, daar mag ik niet over klagen. In een korte uitwisseling op Twitter met journalist Edwin van der Aa kreeg ik te horen dat ik ‘te streng ben‘ en dat wordt me ‘geluk in het leven ondanks mijn boosheid gewenst’. Het is Philippe Remarque all over again.

Ik moet maar blij zijn dat meneer de journalist medelijden heeft met mannen die doen alsof ze vrouw zijn, want dat ben ik in zijn ogen. Ik moet blij zijn dat hij überhaupt mijn kant op kijkt. Dat hij woorden aan mij vuil maakt.  Blijkbaar moet ik nu zijn voeten kussen en hem vereren als mijn grote redder. Om de een of andere reden begint het woord privilege in me te dagen.

Om het risico van verwijderde tweets te voorkomen heb ik maar even een screenshot van de conversatie gemaakt.

Vanderaaconvo

De stoomcursus schrijven over transvrouwen en transmannen van Asha ten Broeke vind je op haar eigen site: ‘Zes spelregels: hoe schrijf je over een trans vrouw of trans man?’ Ook al ben ik het niet helemaal met haar eens, vooral als het om de spatie tussen het voorvoegsel en zelfstandig naamwoord gaat. Het is wel het beste stijladvies dat ik ken.

Toevoeging:
Inmidddels heeft Van der Aa toch nog een excuus gemaakt. Niet naar mij, wel in een meer algemene zin in een tweet gericht aan Eveline van den Boom: