Scumbag Brain

Scumbag brain, het is een bekende meme, is heel goed om tegen zere psychologische benen te schoppen. Vaak zijn het onschuldige dingen zoals die keren dat je een kamer inloopt en plots niet meer weet wat je daar nou komt doen. Of het niet meer op een woord kunnen komen terwijl je het wel weet. Maar soms is scumbag brain precies wat zijn naam zegt: een rotzak.

Scumbag brain social

Ik heb vaak genoeg te kampen met mijn eigen scumbag brain. Dan is het vooral dat hij de onzekerheidskaart speelt. Vooral als ik iets sociaals te doen heb en helemaal als ik er veel waarde aan hecht om er bij te zijn en er ook leuk uit te zien, dan kan onzekerheid plots komen opzetten. Ik noem het wel dysforie-aanvallen. Momenten waarop ik mezelf plots zó onzeker voel dat ik het liefst onder de dekens kruip en vooral de deur niet uit wil. De heftige aanvallen gaan gepaard met huilbuien, extreem onzeker voelen, angsten, en lichamelijke onrust. Waar ze precies vandaan komen weet ik niet maar meestal is er een wel een duidelijke trigger. Dat ik ineens een hintje baardschaduw zie in de spiegel bijvoorbeeld. 

Soms komen die aanvallen ook achteraf, dat is mij tijdens mijn vakantie overkomen. Na een behoorlijk druk weekend met onder andere Roze Maandag op de Tilburgse kermis heb ik een behoorlijke emotionele dip gehad. Die dip werd nog even kracht bij gezet door mijn scumbag brain die even alle dingetjes waar ik onzeker over ben even wist aan te wijzen op de foto’s waar ik opstond. “Je bent te lang!” en “Je hebt een te mannelijk postuur! en “Je bent een freak!” Dat werd niet geroepen door zomaar iemand op straat, maar dat kwam vanuit mijn eigen psyche. Het was het moment dat tot mij doordrong dat behalve ik het niet in mijn eentje hoef te doen, ik het gewoon niet in mijn eentje kan. Ik heb vorige week dan ook wat extra vaart gezet in het vinden van professionele begeleiding. Op die begeleiding moet ik nog een paar weken wachten. Tot die tijd zal ik nog even mijn eigen boontjes moeten doppen. Gelukkig heb ik wel veel steun aan vrienden en heb ik daar afgelopen week veel hulp van gekregen.

Toen ik afgelopen weekend mijzelf aan het klaarmaken was om naar een bruiloft te gaan begon mijn brein weer te wijzen naar wat dingen. Op dat moment kwam er in me op om die onzekerheden een naam te geven en ze zo te kunnen blokkeren. De memes waar populaire internetcultuur zo mee doorspekt is gaven mij daar een mooi handvat voor: scumbag brain. Door mijn onzekerheden zo een ‘gezicht’ te geven heb ik er dit weekend beter mee om kunnen gaan. Ik kan mijn onzekerheden op de ze manier gewoon keihard in de ballen schoppen. 

Het resultaat daarvan? Nou, dit: Foto’s van mijn trip naar Castlefest. Met een zeldzame foto waar ik zonder bril opsta. IMG_20130804_113100

Castlefestblog

Mijn poseerskills behoeven nog verbetering….

 

 

Ups en downs

Ik heb zo mijn  ups en downs en die laten zich heel erg typisch kenmerken. Tijdens de ups voel ik mij goed, kan ik alles hebben en vind ik moeilijkheden slechts uitdagingen. De downs staan vooral in het teken van onzekerheid en extreme zelfbewustheid over mijn lichaam. Momenteel heb ik dus zo’n down. Ik weet ook wel hoe het komt hoor. Er zijn in mijn privéleven wat dingen gebeurd en gaande die ik mij nogal aantrek. Ik wordt daar sip van en dat heeft weer weerslag op mijn algehele stemming en gevoel.

Wat ik vooral vervelend vind is de onzekerheid die met zo’n downer gepaard gaat. Ik voel me dan extreem bewust over álle kleine dingetjes aan mijn lichaam die me niet zinnen, ook dingen die niemand ziet en waar alleen ik weet van heb. Dan vliegt al mijn zelfverzekerdheid zo het raam uit. Soms is die onzekerheid zó erg dat ik zelfs begin te twijfelen of ik wel het goede pad ben ingeslagen. Gelukkig hoef ik dan maar heel even te denken aan het alternatief om te beseffen dat ik inderdaad op de juiste manier bezig ben. Ondanks die geruststelling blijft onzekerheid op deze momenten overheersen.

Niets liever wil ik dan terug in mijn schulp kruipen. Niet opvallen, niet gezien worden. Terug naar de grauwe non-persoonlijkheid die ik vroeger was. Binnenblijven, onder een deken en vooral niet met de buitenwereld geconfronteerd worden. Het is dan heel verleidelijk om ook alle sociale contacten uit de weg te gaan.

Zo ook gisteren. Gisteren had ik een feestje met vrienden. Al maanden geleden is dat georganiseerd en is er een locatie gehuurd. Ik heb heel erg op het punt te staan om het op het laatste moment af te zeggen, omdat ik me emotioneel niet lekker voelde. Niet gaan is natuurlijk makkelijk. Gewoon bed in duiken en daar mokken dat ik nooit leuke dingen doe, het is de weg van de minste weerstand. Uiteindelijk ben ik toch gegaan. Ik heb mezelf opgepept en moed ingesproken om wél te gaan. Ik kan dat behoorlijk goed trouwens: mooi weer spelen als ik me somber voel. Zo sterk zelfs dat ik het uiteindelijk ook zelf geloof. Dat is een vaardigheid die ik gaandeweg heb opgedaan. Als je jezelf niet thuisvoelt in je eigen lichaam dan is het makkelijk om in een depressie te raken. Dat heb ik altijd willen voorkomen en dat is me ook wel gelukt.

Gelukkig maar dat ik gegaan ben. Ik heb een hele fijne avond gehad, ook al was ik niet op mijn best, vrolijkst en praterigst. De knuffels deden me goed, het sociale contact natuurlijk ook. Leuke aan dit soort evenementen: ik kom mensen tegen die ik niet heel regelmatig zie. Sommigen zie ik eens in de paar maanden in levende lijve. Hen valt het op dat mijn uiterlijk veranderd. De complimenten daarover waar een enorme opsteker voor mijn gemoedstoestand. Ik heb die down alweer kunnen ombuigen in een voorzichtig stijgende lijn.

Zomerkleding en voortgangsdrempels

Het is weer zomer, ook al laat de temperatuur het na een warme lente een beetje afweten. Zomer betekent de tijd van luchtige kleding, korte mouwen en blote benen. Al die zomerkleding is weer stof tot nadenken. Het zet mij voor een dilemma, een drempel die ik niet goed over durf. Ik voel mij nu een beetje half-om-half. Ik wil graag de vrouwelijke kant op in mijn voorkomen, vrolijke en vooral koele zomerjurken dragen, maar wordt helaas nog altijd standaard en meestal zonder aarzeling gemeneerd. Daardoor durf ik niet goed een expliciet vrouwelijker kledingstijl aan te meten en blijf ik hangen in min of meer androgyne nietszeggende t-shirts en driekwart lengte broeken. Dat geeft mij weer veel mannelijker voorkomen, men gaat meneer tegen me zeggen en het cirkeltje is weer rond.

Ergens zou ik het liefst een complete zomergarderobe aanschaffen in een vintage-fifities stijl. Merken als King Louie en Who’s that Girl (waar een collega me vandaag over tipte) vind ik echt helemaal geweldig. Polkadots, vrolijke felle kleuren, bloemenprintjes, the works. Maar dan  loop ik weer tegen die drempel aan: durf ik wel zulke opvallende kleding te dragen? Is het nog niet een stap te ver? Mijn onzekerheden en zelfbewustzijn nemen nu alweer een loopje met me.

That’s me! Na zo’n zes weken cyproteronacetaat.

Afgelopen week heb ik een stijltang gekocht om dat rare krullerige haar eens een beetje in het gareel te krijgen. Ik houd niet van mijn krullen, nooit van gehouden ook. Stijlen dus. Op verzoek van een vriendin die nieuwsgierig was naar het resultaat maakte ik deze foto. (Jawel, Fading Gender krijgt een gezicht.) En eerlijk gezegd is dit de eerste foto ooit waarvan ik zelf vind dat ik er leuk op sta.  terugkijkend is dat wel triest, maar ik leef in het heden en kijk liever vooruit. De veranderingen na een week of zes enkel cyproteronacetaat zijn nog klein maar zichtbaar, het geeft mijzelf een gevoel van vooruitgang. In reactie op deze foto kreeg ik diverse reacties op deze foto. Onder andere de tip om te experimenteren met haarbanden en een rechte pony, om zo mijn inhammen te camoufleren. Eentje kan ik wel verbergen met mijn eigen haar, ook die andere kant verbergen zal niet lukken zonder dat het een obvious comb-over wordt. Ik overweeg om in de toekomst het te laten opvullen met een transplantatie. De toekomst zal moeten uitwijzen of daar een noodzaak aan is.

Terug naar de zomerkleren. Dezelfde collega die mij over Who’s that Girl tipte, stelde ook al voor om iets van een bijpassende haarband te dragen. Dat strookt ook nog eens helemaal met de fifties look and feel van die kleding. Zo keren we ook weer terug naar waar ik dit blogje mee begon: die drempel over. Ik zal eens die stap moeten zetten om mijn voorkomen te veranderen. Dan niet alleen op besloten feestjes met vrienden de me gewoon accepteren voor wie ik ben en door het hele issue van transseksualiteit heen kijken. De keren dat ik buiten die comfortzone ben getreden is nog heel beperkt. Niet al te opvallende zwarte jurk met voor de ‘veiligheid’ nog een paar jeans eronder.

Die drempel moet ik over. Want als ik fulltime ga leven als mezelf, en me ook als vrouw zal moeten presenteren naar de buiten wereld zal ik nog niet enorm veel hulp hebben gehad van de medicatie. Ja, de anti-androgenen die ik slik zorgen voor een langzame ontmannelijking. Maar de echte vrouwelijke kenmerken komen pas naar voren als de oestrogenen beginnen in te werken. Het moment dat ik begin met oestrogenen, zal samenvallen met het moment dat ik full time ‘om’ ga. Ik zal het in het begin dus op eigen kracht moeten doen.

In de komende weken heb ik nog wat vrije tijd die ik niet hoef te besteden aan mijn nieuwe huis. Wellicht dat ik naar de Amsterdamse 9 straatjes afreis om wat kleding te shoppen en gewoon maar over die grote enge drempel heen moet stappen. Gelukkig zijn er nog gradaties tussen onopvallende karakterloze outfits en over de top frilly bloemetjes. Ondertussen ook opzoek naar een deskundige logopedist in de buurt.