Zes maanden verder

Het is nu zes maanden sinds mijn fameuze onder invloed van de nodige pijnstillers geschreven blog verscheen. Ofwel zes maanden sinds mijn operatie. Het is alsof ik met mijn lichaam een pas verliefd stel ben, want ik houd het echt tot op de maand nauwkeurig bij hoe lang we al samen zijn. Zes maanden inmiddels en ik vind het een mooi moment om terug te blikken.

Eindelijk voel ik me weer normaal, dat heeft lang geduurd. Ik heb zeker drie maanden dagelijks aan de pijnstillers gezeten en ook daarna nog regelmatig hulp nodig gehad om de pijn te onderdrukken. Die pijn heb ik echt heel erg onderschat en in die zin is het me enorm tegen gevallen. Inmiddels kan ik alweer een tijdje zonder. De pijnscheuten die ik nog zo af en toe heb zijn hevig, maar duren slechts kort. Kwestie van blijven ademen om er doorheen te komen. Maar die eerste weken? De massa van een handvol neerkomende fotonen deed al pijn. Op sommige momenten had weinig hoop dat het ooit nog goed zou komen.

Wat ik enorm heb leren waarderen is mijn bewegingsvrijheid. Het kunnen gebruiken van je buikspieren wordt ernstig ondergewaardeerd. Wat was ik blij toen ik weer normaal overeind kon komen uit bed of een stoel. Of mijn eigen veters weer vast kon maken, ik heb ruim een maand niet bij mijn eigen voeten gekund en ook daarna was het nog lang met een boel kunst en vliegwerk dat ik mijn schoenen aan kreeg.

Na vier maanden durfde ik het eindelijk weer aan om te fietsen. Voorzichtig opgestapt om het te proberen. Het was nog enigszins pijnlijk, maar het ging: even de straat op en neer. De volgende dag het stuk naar mijn werk gefietst, voorzichtig en niet te snel. Gelukkig stond er die weken weinig wind, want over mijn stuur heen buigen zat er niet in.

Dat verblijf in het ziekenhuis heeft best een heftige uitwerking op me gehad. Het viel me op toen ik vorige week langs Zij houden Nederland in leven zapte. Het is een tv-programma waarin telkens 24 uur diverse takken van gezondheidszorg worden gefilmd. Ik kreeg er de kriebels van, waar ik vroeger prima chirurgen-tv kon kijken tijdens het eten, vond ik het nu minder prettig. Ik moest gelijk terug denken aan mijn eigen verblijf in het ziekenhuis. Daar zijn een paar dingen mij van bij gebleven.

Zoals de vraag of ik gereanimeerd wilde worden bij een hartstilstand. Op die vraag had ik nier gerekend. Daar had ik ook niet over nagedacht vooraf, ondanks mijn angst voor de narcose en de dood.

De uitslaapkamer zal ik me ook altijd blijven herinneren. Dat waren veruit de vervelendste uren van het hele gebeuren. Ook al was één van mijn eerste gedachten ‘Yay! ik leef nog!’ en was ik daar heel blij om. Ik had heel veel pijn, genoeg om twee spuiten met morfine te krijgen en langer te moeten blijven dan gebruikelijk. Ik was daar alleen en had niets persoonlijks bij me. Zelfs mijn bril moest ik de verpleegafdeling achterlaten. Dat zijn een paar uren die ik niet nog eens mee wil maken. Toen ik eindelijk terug mocht naar de verpleegafdeling was ik heel erg blij om mijn ouders en de dierbare vrienden die daar op me wachten weer te zien. Ondanks dat niet bepaald helder van geest was, ik was opgelucht en voelde me veilig. Iets wat op de uitslaapkamer niet zo was, daar voelde ik me vooral eenzaam en bang.

Dat ik met het afsterven van een stuk huid een deel van mijzelf verloor is ook in mijn geheugen gegrift. Dat is echt een zeer heftige ervaring geweest. Ik weet ook nog goed dat er vlak na het moment dat het goed en wel tot me doordrong er werd aangebeld. Ik was toen alleen thuis en deed toch maar de deur open. Het bleek een bezorger met een gigantische bos bloemen, gestuurd door mijn werkgever. Dat was een groot contrast van emoties.

Men vraagt me regelmatig hoe ik me nu voel. Een begrijpelijke vraag, maar toch vind ik hem raar. Want ik voel me niet anders dan voor de operatie. Ja, ik voel me onnoemelijk veel fijner in mijn lichaam dan ervoor. Maar ik ben nog steeds gewoon mijzelf, aan mijn persoonlijkheid is veranderd gedaan door de chirurg. Het is niet zo dat ik me ineens veel vrouwelijker voel dan een half jaar geleden.

Net als de vraag of ik nu ‘klaar’ ben. Mijn eerste antwoord is dan een tegenvraag: ben je ooit klaar als mens? Als persoon blijf je jezelf ontwikkelen, dat stopt niet op een gegeven moment. Ik ben van mening dat je persoonlijkheid wordt gemaakt door alles wat je tijdens je leven meemaakt, dat gaat gewoon door. In dat opzicht ben ik niet klaar, en dat zal ik nooit zijn ook.

Als je naar de lichamelijke dingen kijkt, dan is de vraag of ik ‘klaar’ ben minder makkelijk te beantwoorden. Ik heb een paar weken terug nog een sessie bij de huidtherpeut gehad. Mogelijk was dat een van de laatste keren, de allerlaatste keer zal het niet zijn vermoed ik zo. Ook heb ik nog zeker één nacontrole bij de chirurg op het programma staan. Mogelijk dat er nog een kleine corrigerende ingreep gedaan moet worden en wellicht ook niet.

Een ding waar ik de laatste tijd veel over nadenk is een andere secundaire ingreep: een borstvergroting. Niet dat ik bekend wil staan als Daniëlle Dubbel D, zoals een collega ooit grapte. Ik zou wel blij zijn als ze wat groter zouden zijn. Ik heb nu net aan een cup AAA en dat vind ik écht te klein. Echter weet ik nog gewoon veruit te weinig over de mogelijkheden, voordelen en nadelen van een dergelijke ingreep. In elk geval wil ik het ook eerst nog voorleggen aan de endocrinoloog wellicht dat er met aanpassing van de hormonen nog wat meer groei te bereiken is.

Voorlopig heb ik nog zat om mezelf mee bezig te houden. Nu mijn energiepeil weer eindelijk een beetje is zoals voor de operatie kan ik weer wat dingen doen anders dan een eat-sleep-work-repeat. Helemaal de oude ben ik wat dat betreft nog niet – Sowieso, als ik weer helemaal de oude zou zijn dan was alles behoorlijk zinloos geweest. – dus ik moet nog goed letten op wat ik doe, mijn energiebudget is nog steeds beperkt.

Eén ding in mijn persoonlijkheid is wel veranderd: ik heb in mijn hoofd weer ruimte gekregen voor andere dingen. Er borrelen weer creatieve ideetjes op. Ik kan weer verder met mijn leven, op bepaalde vlakken voelt het alsof dat stil gelegen heeft de afgelopen jaren. Dat ben ik nu weer aan het oppakken. In die zin ben ik wel een ander mens geworden. Meer de oude, vroeger was ik ook altijd aan het fröbelen.

Drie maanden verder

Het is nu drie maanden sinds mijn operatie. Dat ik mijn tijd zo reken, dat geeft wel te denken wat voor allesbepalende factor dat in mijn leven is. Het is inmiddels ook een maand sinds ik voor het laatst heb geblogd en dat heeft alles met elkaar te maken.

Mijn herstel gaat rustig voort, de chirurg had bij de controle een paar weken terug geen bijzondere opmerkingen, de genezing gaat wat haar betreft goed. Ik mag nu ook weer in bad of zwemmen. Niet dat ik helemaal geen bad heb in huis, alleen een douche en het me ook nog steeds ontbreekt aan zwemkleding. Maar als ik zou willen kan het en het voelt fijn om een beperking minder te hebben.

Want andere beperkingen zijn er nog wel. Fietsen heb ik nog steeds niet aangedurfd. Ik denk dat dat één van de laatste grote achievements in het genezingsproces gaat zijn. Voorlopig verplaatst ik me wel te voet. Gewoon zitten kan ik inmiddels wel. Al een paar weken gebruikte ik die vreselijke institutioneel-oranje zitring niet meer. Vorige week is ‘ie definitief terug gegaan naar de medische hulpmiddelenuitleen. Ook in mijn bewegingen zijn nog gelimiteerd. Ik kan mezelf prima redden, maar sommige dingen zijn nog lastig. Vooral tillen is lastig, ik merk direct als ik iets te zwaars probeer op te pakken.

wpid-wp-1403462917898.jpeg

Dag zwembandje, ik ga je niet missen.

Het herstel is me best zwaar gevallen. Drie maanden continue pijn hebben was ik niet op voorbereid, dat heb ik wel onderschat net als de vermoeidheid. Ik heb al eens eerder gezegd dat ik beter om kan gaan met jeuk dan met pijn en daar blijf ik bij. Gelukkig wordt de pijn steeds minder en neem ik nu ook veel minder pijnstillers. Toch heb ik het pas twee dagen helemaal zonder gered. Terwijl de laatste dagen juist weer minder gingen. Het verschilt nog echt van dag tot dag.

Het moe zijn is dan wel vrij contant en voorspelbaar. Ik heb duidelijk flink wat conditie ingeleverd en het genezingsproces gebruikt ook nog het nodige. Ergens heb ik horen zeggen dat één dag bedrust een week conditieopbouw kost. Kan wel kloppen, na dat weekje ziekenhuis heb ik het nog een behoorlijke tijd heel rustig aan gedaan. Gelukkig komt mijn conditie weer langzaam weer terug, al ben ik inmiddels wel een expert in het doen van middagdutjes. Voorlopig zal ik nog wel goed moeten nadenken waar ik mijn energie aan besteed, want het is snel op.

 

Exit-gesprek

Vanmiddag had ik weer een afspraak bij mijn psycholoog van het genderteam. Het zou uitdraaien op wat lijkt mijn laatste gesprek te zijn geweest. We spraken over de operatie en rondden feitelijk het psychologische deel van mijn transitie af.

De afgelopen twee maanden zijn uitvoerig besproken. Van de aanloop naar de opname tot en met het herstel van de afgelopen weken. Een van de dingen die aan bod kwamen was het langzame herstel en de impact die dat heeft op mijn sociale leven. Ik ervaar dat als behoorlijk zwaar, ik ben lang zo introvert niet als ik denk te zijn. Gelukkig komt dat nu allemaal langzaam weer op gang. Vorige week al ben ik voorzichtig weer beginnen met werken. Ik was na zes weken wel klaar met thuis zitten. Ook mijn sociale leven begint zich weer een beetje te roeren, zij het voorzichtig.

Ook was er ruimte om terug te blikken op hoe ik de begeleiding van het Genderteam heb ervaren. Of ik dingen anders zou willen zien. Positief, of juist negatief heb ervaren. Typisch dingen die je bespreekt bij een exit-gesprek als je vertrekt bij een werkgever. Dat was dit gesprek ook: een laatste gesprek waarmee het psychologische deel van mijn transitie voor wat betreft het genderteam afgesloten is. Al is me op het hart gedrukt dat als ik er de behoefte aan heb ik altijd nog hulp kan vragen bij de psychologen van het Genderteam.

Eén van de vragen die de psychologe me stelde was of ik vond dat het nu klaar is als ik over een paar maanden ook een nieuw paspoort heb. Zo voelt het voor mij niet. Mijn transitie voelt niet ‘klaar’ of ‘af’. Het proces is de afgelopen jaren zo’n integraal en bepalend deel van mijn leven geweest. Dat zal niet zomaar stoppen. Ik denk ook niet dat ik ooit zal zeggen dat transgender was, ik zal dat altijd blijven zijn. Ik zie zelf nog genoeg dingen waar ik mee verder kan: nog wat logopedie, wellicht een borstvergroting, verder met permanente verwijdering van gezichtshaar, het opnieuw ontdekken van mijn seksualiteit. Er zijn best nog wel stappen voorwaarts te zetten in mijn transitie. Wel zal het proces steeds een kleiner deel van mijn leven worden. Maar ik betwijfel of het ooit helemaal zal verdwijnen.

Wel voelde het raar toen ik eenmaal buiten stond. Leeg, opgelucht, blij, licht, vrolijk. Een boel subtiele nuances van die emoties kabbelden door mijn hoofd. De gedachte dat ik toch een hoofdstuk heb afgesloten kwam onverwachts en het zal nog wel even duren voordat het echt doordringt.

Helemaal weg van het genderteam ben ik nog lang niet. Het psychologische deel is wellicht afgerond. Maar ik sta natuurlijk nog steeds onder behandeling van de endocrinoloog en moet ook nog voor controle terug naar de plastisch chirurg. Vooral de endocrinoloog zal nog wel even zoet met me zijn. Ik merk aan mijn lichaam duidelijk dat de hormonale balans nog lang niet hersteld is. Mijn zorgen daarover heb twee weken terug ook al geuit bij de arts en aangestuurd op bloedonderzoek. De uitslag daarop laat nog een weekje op zich wachten, daar zal ik later nog op ingaan.

Mijn herstel gaat gestaag door, nog steeds. Al merk ik behoorlijke verschillen en gaat het met de dag beter. Wel moet ik ervoor waken niet te hard te gaan. De vermoeidheid is nog wel een issue en ik moet ervoor waken niet mezelf voorbij te lopen en té hard te gaan. Het hoofd wil nogal veel harder dan het lijf aan kan, dat merk ik nog dagelijks. Na alles wat ik mijn lijf heb aangedaan moet ik ook naar mijn lichaam luisteren. Quid pro quo, zoals één van de grootste fictieschurken ooit dat uitdrukte.

Lage energieniveau’s ten spijt, met het afsluiten van dat hele psychologische deel had ik toch wat te vieren. Aangezien ik toch al in Amsterdam-Zuid was ben ik voor de deur van het ziekenhuis op de tram gestapt om verderop in de stad een dozijn macarons te halen bij mijn favoriete macaronwinkeltje vlakbij de Albert Cuyp. Onder het genot daarvan, nou ja de helft in elk geval, en een pot thee schreef ik dit blog.

wpid-dsc_0949.jpg

Duracell of toch merk X

duracell

Ken je ze nog, de trommelkonijntjes? Stuk voor stuk houden ze ermee op, behalve het konijntje met een Duracell batterij. Dat konijntje gaat maar door en door en door. Ik zou graag willen dat ik zo’n Duracell konijntje was en onverstoord door kon trommelen, maar helaas. Ik moet het doen met merk X.

Het lijkt een beetje in tegenspraak met wat ik een paar weken terug schreef. Dat was nogal een jubelverhaal hoe goed ik me voelde na een wijziging van medicatie. Het is inderdaad een enorm verschil. Maar nog steeds voel ik me niet de oude. Ik ben nog steeds snel moe, sneller dan ik gewend ben. Ik moet ook nog steeds keuzes maken in de dingen die ik doe en die ik moet laten. Dat is niet van harte, maar ik weet dat een Verstandig™ gewoon nodig is om niet volledig in te storten en weekend compleet te kunnen afschrijven.

Vrijdag heb ik weer een gesprek met de psycholoog bij het Genderteam. Ik kijk daar wel naar uit. Mijn behoefte aan een goed gesprek en scherpe inzichten is groot. Vooral nu ik de uitslagen van dat acht buisjes tellende bloedonderzoek heb: “Geen bijzonderheden, alle waarden zijn normaal.” De ‘deze vitaminepill is jouw Duracellbatterij’-oplossing waar ik stiekem op hoopte is er dus niet. Ik zal mijn energie op andere manieren moeten vergaren, of wennen aan het vaker moeten kiezen waar ik mijn energie voor gebruik.

 

 

Duracell of toch merk X

duracell

Ken je ze nog, de trommelkonijntjes? Stuk voor stuk houden ze ermee op, behalve het konijntje met een Duracell batterij. Dat konijntje gaat maar door en door en door. Ik zou graag willen dat ik zo’n Duracell konijntje was en onverstoord door kon trommelen, maar helaas. Ik moet het doen met merk X.

Het lijkt een beetje in tegenspraak met wat ik een paar weken terug schreef. Dat was nogal een jubelverhaal hoe goed ik me voelde na een wijziging van medicatie. Het is inderdaad een enorm verschil. Maar nog steeds voel ik me niet de oude. Ik ben nog steeds snel moe, sneller dan ik gewend ben. Ik moet ook nog steeds keuzes maken in de dingen die ik doe en die ik moet laten. Dat is niet van harte, maar ik weet dat een Verstandig™ gewoon nodig is om niet volledig in te storten en weekend compleet te kunnen afschrijven.

Vrijdag heb ik weer een gesprek met de psycholoog bij het Genderteam. Ik kijk daar wel naar uit. Mijn behoefte aan een goed gesprek en scherpe inzichten is groot. Vooral nu ik de uitslagen van dat acht buisjes tellende bloedonderzoek heb: “Geen bijzonderheden, alle waarden zijn normaal.” De ‘deze vitaminepill is jouw Duracellbatterij’-oplossing waar ik stiekem op hoopte is er dus niet. Ik zal mijn energie op andere manieren moeten vergaren, of wennen aan het vaker moeten kiezen waar ik mijn energie voor gebruik.

 

 

Eén pil verschil

Aan één van de bijwerkingen van mijn medicatie heb ik nooit veel ruchtbaarheid: depressie. Maar als je de bijsluiter van cyproteron-acetaat leest staat neerslachtigheid en depressie in het rijtje bij de meest voorkomende bijwerkingen. Ik heb het ook bijna een jaar buiten de deur weten te houden. Maar vooral de laatste weken kostte het me steeds meer energie om mijn stemming op peil te houden en ik het toch al minder energie. Als ik zo terugkijk op de laatste posts die ik op dit blog deed is het ook wel tussen de regels te lezen dat ik mij niet bepaald goed voelde.

Cyproteron-Acetaat

Cyproteron-Acetaat

Het was voor mij reden genoeg om aan te dringen op bloedonderzoek toen ik vorige week bij de endocrinoloog van het genderteam zat. Daar was het toch al tijd voor, de laatste keer dat ze bloed hebben geprikt is alweer een half jaar geleden. Ironisch genoeg is regelmatige controle van bloedwaarden een van de belangrijkste argumenten om niet zelf met medicijnen te prutsen. Dat ik tegen de arts zei dat ik futloos was en moeite had met mijn stemming heb ik geweten, ze pakte een labformulier en begon verwoed vakjes aan te kruisen. De laborante liet me vervolgens niet gaan alvorens ze acht buisjes bloed had afgetapt. Bij elkaar 50 ml, of een half koffiekopje. Gelukkig heb ik daar nooit veel last van. Ik moest terugdenken aan de eerste keer dat ze bloed wilden zien bij het VUmc, een jaar geleden. Ze hadden me vooraf gewaarschuwd wat te eten mee te nemen omdat het nogal veel zou zijn, dus ik zat klaar met een banaan en een sportdrankje. “Oh, dat was het al? OK.”  Het waren er slechts vier buisjes die keer. De helft van wat ik deze keer moest afstaan en zat ik onvoorbereid. Gelukkig heb ik nooit veel last van.

Snelle blik op het labformulier leerde me dat er behalve de gebruikelijke geslachtshormonen en leverwaarden ook werd getest op vitamines en schildklier. De voor de hand liggende dingen als het gaat om energie. Iedere keer weer moet ik toch een beetje gniffelen om het kruisje bij prolactine. Prolactine is het hormoon dat de hypofyse afscheid om de melkproductie op gang te brengen. Verhoogde waardes ervan in het bloed kunnen duiden op een prolactinoom, een goedaardig gezwel in de hypofyse dat je gezichtsvermogen kan aantasten. Het is dus belangrijk om die waarde in de gaten te houden.

De uitslag van het bloedonderzoek krijg ik over een week of 3 telefonisch door. Vooruitlopend daarop kreeg ik al het advies om de dosering Androcur (nou ja, cyproteron-acetaat dus, het patent is verlopen dus ik krijg merkloze varianten van de apotheek) te verlagen. De testosteronwaarden in mijn bloed waren een half jaar geleden al onmeetbaar laag en door de combinatie van de medicatie wordt het vermogen van mijn lichaam om dat goedje aan te maken behoorlijk aangetast. Ik zou dus met 50 mg per dag afkunnen, in plaats van de 100 mg die ik een jaar lang heb geslikt. Voor het vergelijk, de Dianepil bevat slechts 2 mg. Hoewel met tegenzin, dit middel voorkomt ook kaal worden, heb ik het advies opgevolgd. Want die bijwerkingen zaten me echt dwars.

Cyproteron-acetaat heeft een halfwaarde tijd van 40 uur, voordat de waarde in mijn bloed voldoende was gedaald waren we een paar dagen verder. Maar het verschil is van één pil per dag minder heb ik gemerkt. Ik voelde me beter, merkbaar beter. Ik heb meer energie, meer motivatie, krijg meer gedaan in een dag, ik voel me vrolijker. Het verschil met een paar weken terug is enorm. Ik sta nog steeds versteld hoeveel verschil een paar milligram van de een of andere stof in je bloed kan maken.

Dat mijn energieniveau nog niet helemaal terug bij oude is heb ik dit weekeinde gemerkt. Maar de verbetering is enorm, en daar ben ik blij om. Wachten we nog even af wat er nog uit het bloedonderzoek komt.

Rode en Blauwe pillen

In The Matrix wordt Neo een keus geboden door Morpheus. Een keus tussen een blauwe en een rode pil. De blauwe is terug naar de illusie en droom van de matrix en verder leven in onwetendheid. Rood is die van de harde waarheid onder ogen zien maar ook te vechten voor de vrijheid. “You take the red pill – you stay in Wonderland and I show you how deep the rabbit-hole goes.” 

Red pill - Blue pill

Red pill – Blue pill (©Warner Brothers)

Ik heb de rode pil genomen en ben daar nog steeds blij mee. Maar soms heb ik gedachtes, dat ik de blauwe had moeten nemen. Vooral op momenten dat mijn energieniveau’s op een behoorlijk laag niveau zijn en ik een Verstandig™ moet doen. Een Verstandig™ betekent dat thuis op de met een boek op de bank en vroeg naar bed, wetende dat er elders iets leuks en sociaals is wat je mist. Het zal je misschien verbazen, een transitie vreet energie. Niet alleen vanwege de medicatie, daar heb ik vooral de eerste maanden last van gehad qua vermoeidheid. Het is vooral dat bij zo ongeveer alles wat ik doe bewust nadenk over mijn transitie en dat kost energie. Daarnaast heb ik de laatste tijd sterk het idee dat mijn lichaam energie aftapt en voor andere dingen aan het gebruiken is.

Ik heb het afgelopen jaar leren luisteren naar mijn lichaam, het dicteert zo af en toe dingen en laat vooral duidelijk merken als mijn batterij leeg raakt. Dat uit zich in vermoeidheid, emotionele buien en allerhande kwaaltjes. Het is als die onheilspellende waarschuwing die je telefoon geeft, terwijl je net op weg bent naar een afspraak. In het verleden negeerde ik dat wel eens en ging ik verder op mijn reserves, meer dan een beetje brakheid viel mij nooit ten deel. Tegenwoordig kan ik dat niet meer en moet ik gewoon keuzes maken. Soms zijn dat keuzes die me niet aanstaan en ik dingen moet laten die ik graag wil.

Als ik dan weer eens met een boek op de bank zit of een film kijk en dan nadien hoor hoe leuk en gezellig een feestje, verjaardag of bijeenkomst is geweest dan hakt de eenzaamheid er het hardste in. Dat zijn de momenten waarop ik mijzelf wel eens afvraag waarom ik niet gewoon die blauwe pil heb genomen. Dan komt al snel weer een tekstfragmentje naar boven dat ik een paar maanden terug al schreef als aanzet voor een blogje, het lurkt sindsdien in de duisternis van mijn concepten omdat ik niet goed wist wat ik ermee aanmoest.

Suïcidale gedachten

Nou ja gedachten over suicide dan, want suïcidale gedachten impliceert dat je gedachten zélf suïcidaal zijn. Alsof ze uit je oor springen. Wat ik nu ga vertellen gaat over zelfmoord en hoe ik daarover denk. Als je daar niet goed mee overweg kan of erg gevoelig voor bent, lees je beter niet verder. Om alvast wat verontrusting weg te nemen: ik heb géén suïcidale neigingen! Ik heb meer plezier dan ooit in het leven, daar wil ik nog wel een decennia of wat mee door ook.

Dit maalt al een paar weken door mijn hoofd. Het gesprek kwam op het in transitie gaan en de alternatieven. Zonder enig nadenken zei ik dat als ik terug zou moeten naar mijn vroegere leven zelfmoord een reële optie zou zijn. Dat kwam van binnen, heel erg diep. Toen ik het zei wist ik ook direct dat ik het meende. Die gedachte vind ik best eng en verontrustend.

De rode pil is het beste wat ik ooit gedaan heb. Ondanks dat het soms zwaar is, het veel moeite kost en een bron is van angsten en onzekerheid. De gevolgen van de blauwe pil hadden veel erger kunnen zijn. Na maanden doormalen in mijn hoofd vind ik het nog steeds vervelend dat zoiets extreems als zelfmoord zo dicht in de buurt van mijn leven zou kunnen komen. De blauwe pil had de slechtste keus ooit geweest had ik die genomen.

Toch neemt dat niet weg dat ik soms best zou willen ‘genezen’. Als ik díe optie had gekregen en het een zinnige optie was geweest had ik het wellicht gedaan. Je leven volledig op z’n kop zetten en een van de meest elementaire sociale en biologische kenmerken aan jezelf veranderen is niet niks. Er zijn risico’s aan verbonden: medische maar ook sociale: worden verstoten uit je familie, vriendenkring of zelfs het verlies van je baan zijn reële dreigingen.

Er is een psychiater die genderdysforie beschouwt als een ordinaire psychose en het ook als zodanig behandelt: met ruime hoeveelheden anti-psychotica. Daarmee feitelijk de persoonlijkheid onderdrukken. Gelukkig vind men in de psychologie en medische wetenschap  het in het algemeen not cool om iemands persoonlijkheid ingrijpend te wijzigen. De visies van genezer Joost à Campo (die overigens psychiater is) worden over het algemeen niet geaccepteerd door zijn vakgenoten. Er bestaat geen ethisch verantwoorde  ‘genezing’ voor genderdysforie, men houdt zich aan symptoombestrijding door het lichaam zo goed mogelijk te laten passen bij de psyche. Gelukkig ben ik niet in de buurt gekomen van à Campo.

De blauwe pil zou rampzalige gevolgen kunnen hebben gehad. Maar de gevolgen van de rode zijn ook niet mals. Het ergste is voor mij de eenzaamheid. Ik heb genoeg mensen om mij heen. Ik heb een drukker sociaal leven dan ik kan rondbreien. Maar toch mis ik iemand in mijn leven. Thuis ben ik alleen. Aan de andere kant: ik voel me nu niet klaar voor een nieuwe relatie. Ik ben teveel met mijzelf bezig om voldoende tijd en toewijding aan een ander te kunnen bieden. Dan zijn er ook nog de veranderingen aan mijzelf, daar moet je als partner van mee kunnen leven. Transgenderactivist en ervaringsdeskundige Buck Angel geeft het ook als advies: “Doe het alleen.” Het is wellicht zwaar, maar je hebt dan wel de kans om je volledig op jezelf te richten.

Om die eenzaamheid thuis op te vullen, zal ik dan toch maar een kat nemen?

Afremmen

Ik moet even pas op de plaats maken. De afgelopen weken ben ik druk geweest, te druk heeft mijn lichaam me laten weten in niet zo subtiele hints. Hoe graag ik zo snel mogelijk verder wil, het zal even wat rustiger aan gaan voorlopig.

‘Het’ is niet mijn transitie, dat ligt nog op schema. Althans dat hoop ik. Deze week is er weer zo’n berucht genderteamoverleg waarin besloten wordt of ik verder mag met de volgende stap. De psycholoog waarmee ik het voortgangsgesprek had een paar weken terug zou een positief advies geven in het team. Normaal gesproken worden die adviezen gewoon overgenomen door het team en voorzover ik weet zou de internist ook geen bezwaren moeten hebben. Ik ben gezond en in lichamelijk in goede conditie, dus ik ga niet uit dat ze nog wat raars in mijn bloedwaarden vinden. Ik zou daar vrijdag over gebeld moeten worden en de afspraak met de internist om dat recept daadwerkelijk voor te schrijven staat al weken in de agenda. Maar toch ben ik er nerveus over.

‘Het’ is wel mijn verhuizing. Dat kost nogal wat energie zo’n huis inrichten. Afgelopen weken ben ik al mijn vrije dagen in mijn huis bezig geweest. Met nog de nodige bezoeken aan de Ikea en het in elkaar zetten van meubels. Ik verzet veel werk en besteed er veel tijd aan, maar toch heb ik het gevoel dat ik niet genoeg opschiet. Dus zette ik er de turbo op. Dat is teveel gebleken. Ik ben duidelijk vermoeid. Ga vroeg naar bed en voel me niet uitgeslapen. Ik ben kribbig. Kan me moeilijk concentreren.

Toen ik eerder deze week werd herinnerd aan een feestje, dat pas ergens in september gaat zijn. Toen ik even nadacht over hoe ik daar zou komen en of ik gebruik zou willen maken van een overnachtingsmogelijkheid zag ik alleen maar beren op de weg. Stress en paniek viel mij ten deel om iets kleins als een simpel feestje, de tranen stonden in mijn ogen. Dan hebben ook mijn fijne klassieke stressverklikkers hebben ook weer de kop op gestoken: puistjes en eczeem. Oh Joy! alsof ik zit te wachten op jeuk met dit warme weer. Kortom ik ben gewoon moe.

Zo’n transitie vergt best wel wat energie en gooit er nog een extra schepje stress bovenop. Nadenken over dingen waar mensen nooit over na hoeven denken. Voorbereidingen treffen. Bepaalde aspecten van mijn leven omgooien. Veel bezoeken aan het ziekenhuis voor psycholoog, arts en de nodige extra onderzoeken, naar huidtherapeuten en binnenkort ook nog een een logopedist. Ik heb een fulltime baan. Ben aan het verhuizen. Daarnaast poog ik nog een sociaal leven te hebben. Dat kost me alles bij ekaar teveel energie en moet gewoon even afremmen.

Morgen laat ik die verhuizing even voor wat het is en ga ik lekker shoppen, op doktersrecept welteverstaan. De bonnetjes mag ik dan wel niet richting mijn zorgverzekeraar sturen, het schijnt wel belastingaftrekbaar te zijn (dat moet ik nog even goed uitzoeken).

Energieprioriteiten

Mijn afgelopen weekeinde is voor mijn doen uitzonderlijk druk geweest. Zaterdags gewoon werken, aansluitend een verjaardag en ook de zondag nog een andere jarige te bezoeken. Het was een geweldig weekeinde, maar heeft veel energie gekost. Mijn batterijtje was zondagavond gewoon helemaal leeg. Zelfs een oppervlakkig gesprek aanknopen met degene die mij bij het station afzette zat er zondagavond gewoon echt niet meer in. Dat ik zaterdagavond zondagochtend pas om vier uur thuis kwam heeft ook niet echt geholpen, maar het was het zo ongelofelijk waard!

Vroeger kon ik dat wel. Nachten doorhalen, laat gaan slapen. Feestjes en verjaardagen en andere dingen op mijn sociale agenda. Ik merk nu dat ik gewoon minder energie heb, die is gewoon sneller op dan ik gewend ben. Ik moet leren om mijn agenda beter te plannen, prioriteiten gaan stellen aan zaken die extra energie kosten. Daarbij rekening houdend met de hoeveelheid energie die ik heb. Die energievoorraad is merkbaar ingeperkt door de medicatie.

De een werkdag en twee verjaardagsbezoeken in één weekeinde was me eigenlijk gewoon teveel. Ik heb mijn reservetankje moeten aanspreken en daar heb ik last van. Heb mezelf vandaag de hele dag niet alert gevoeld en mijn werkdag ben ik doorgekomen op mijn automatische piloot. Ook al waren de beide feestjes enorm gezellig. Heb ik vrienden voor het eerst sinds vijf jaar weer eens gezien. Heb ik geknuffeld (in mijn vriendenkring wordt enorm veel geknuffeld). Heb ik nieuwe mensen leren kennen. Heb ik gelachen. Interessante gesprekken gehad.

Eigenlijk was dit weekeinde de uitputtingsslag gewoon waard. Ik heb overwogen om de tweede verjaardag te laten schieten wegens vermoeidheid. Toch heb ik mezelf gedwongen te gaan, ik had belooft te komen en beloftes maken schuld. Ik voel me altijd enorm schuldig als ik mijn beloftes niet kan nakomen, zeker als het om zulke goede vrienden gaat. Volgende keer dat zo’n overboeking van mijn agenda zich weer voordoet zal ik goed moeten nadenken en afwegen waar mijn energieprioriteiten liggen. Al ga ik er vanuit dat ik dan gewoon weer dezelfde ‘fout’ maak om voor het sociale te kiezen boven mijzelf.