Een gezonde geest in een gemankeerd lichaam

“Mens sana in corpore sano” sprak Juvenalis: een gezonde geest in een gezond lichaam. Voor mij is het een gezonde geest in een gemankeerd lichaam, of een gemankeerde geest in een gezond lichaam. Die keuze is lastiger dan je zou denken.

Als je mijn blogs sinds de herfst hebt gevolgd, dan weet je van mijn gevecht met mijn depressie en hoe ik erachter kwam dat medicatie daar een bepalende factor in bleek te zijn. Medicatie die gebruikte om mijn lijf gezond te houden. Nee wacht, niet gezond. Ik had andere bedoelingen met het gebruik van de androcur. Ik nam het om mijn lichaam beter passend bij mijn zelfbeeld te maken. Die pillen hadden een positief effect op mijn huid, lichaamshaar en het volume van mijn borsten. Drie dingen die voor mij zwaar wegen in hoe ik mijzelf zie. Dat positieve effect was aantrekkelijk, zelfs zo aantrekkelijk dat ik ook nu ik weet wat de nadelen zijn, soms nog moeite heb om niet opnieuw met dat medicijn te beginnen. Inmiddels besef ik dat mijn mentale gezondheid toch echt (net) zwaarder weegt dan mijn zelfbeeld.

Deze week heb ik nog zo’n keuze moeten maken: gemoedstoestand of zelfbeeld. Ik heb nog steeds een redelijke baardgroei. Het is erg genoeg om me er bij vlagen behoorlijk onzeker over te voelen. Stoppen met die medicatie lijkt de haargroei nog een extra impuls te hebben gegeven. Ik heb daarom nog regelmatig laserbehandelingen bij de huidtherapeut. Voorwaarde voor succesvolle behandeling is echter wel dat je huid zo bleek mogelijk is. Dat betekent zon mijden, factor 50 smeren en hoedjes dragen.

Nu heb ik geen bezwaar tegen hoedjes dragen (mits ik ze in mijn maat kan vinden). Ik heb dat de eerste jaren gedaan: de hele zomer de zon vermijden. Als ik dan buiten kwam smeerde ik factor 50 en hield ik de tijd dat ik buiten was zo kort mogelijk en beperkt tot de momenten dat de zon op zijn zwakst was.

Vorige week heb ik nog een lasersessie bij de huidtherapeut gehad en er werd me gevraagd of ik gelijk al weer een afspraak wilde maken. Ik heb toen even overwogen om weer de hele zomer door te gaan. Maar hield de boot af, weer een zomer als vampier door brengen leek me niet slim.

Hoe slecht dat vampieren voor me is merk ik pas wanneer ik het niet doe. Ik ben nog altijd een voorzichtige zonaanbidder en gebruik sunscreen. Maar ik schuwde de zon niet. Ik nam een voorproefje op mijn vakantie en bezocht landgoed Clingendael. Ik genoot van de tuin, van een boek in de zon, van het maken van foto’s, van een goede wandeling. Aan het einde van de dag voelde ik me fysiek moe, maar mentaal verfrist.

Mens sana, een gezonde geest. Mijn spiegelbeeld zal toch nooit exact mijn zelfbeeld reflecteren. Er zullen altijd dingen zijn waar ik me onzeker van voel. Dan kan ik maar beter zorgen dat ik geestelijk sterk genoeg ben om daar mee om te kunnen gaan. Een gezonde geest is immers een gezond mens.

japanse tuin2

Japanse tuin op Landgoed Clingendael – Foto: Fading Gender

Zelfreflectie en geloof

Deze week heb ik veel tijd kunnen besteden aan zelfreflectie. Het liep samen met het afvlakken van de opgaande lijn die ik, en vooral mijn grondstemming, volgde. Niet raar overigens, uitkomen op een neutraal en een net iets positief niveau was ook mijn streven en dat heb ik nu ook in zicht. Het uitbannen van de androcur, vier weken geleden heeft een groter verschil gemaakt dan dat ik verwachtte. Op het moment dat ik besefte dat die medicatie wel eens een katalysator kon zijn en ermee stopte had ik niet durven hopen op zo’n enorm verschil.

Na een wandeling die wat langer en intensiever bleek dan gepland, moest ik ineens denken aan de riviergeest in de film Spirited Away. Deze kwam het badhuis binnen en werd aangezien voor een stinkgod. Na een uitgebreid bad en met behulp van Chihiro bleek die stinkgod de beschermgeest van een zwaar vervuilde rivier te zijn. Nu de ‘angel’ (een fiets) er eindelijk uit was kon de riviergeest weer zichzelf zijn. Ik voel me ook zo, mijn angel is er nu uit en ik kan opnieuw en vooral schoon herbeginnen. Maar mijn onderliggende problemen zijn niet verdwenen, ik moet nog steeds waken dat de rivier niet opnieuw vervuild raakt en het resterende vuil er nog uit opvissen.

Ik dacht aanvankelijk dat ik een goed half jaar geleden opnieuw ben begonnen met androcur. Maar beter rekenen brengt mij terug naar de periode rond kerst vorig jaar. Ik had last van een vette huid en veel acneklachten, daar wilde ik vanaf voor de kerst. De andere voordelen, die voortkomen uit de progestagene werking zag ik ook wel zitten. Ik heb helaas niet genoeg acht geslagen op de nadelen. Omdat ik in het verleden daar ogenschijnlijk niet zoveel last van had. In elk geval betekent dat tijdens het vroege voorjaar, mijn donkerste periode ik ook al ruime tijd aan dat spul zat.

Op dat moment heb ik alles gegooid op het overschrijden van mijn grenzen, vooral op vlak van energie, en niet goed genoeg voor mezelf zorgen. Dat dat alleen de oorzaak was. Ik herinner me nog heugelijk het moment dat ik mijn therapeut vroeg om een interventie (ik overwoog zelfs antidepressiva) en zij me vroeg hoeveel dingen ik had gedaan die waarde aan mijn leven toevoegden. In gedachten rolde er toen een tumbleweed door mijn hoofd.

Er volgde een interventie, maar niet degene die ik voor ogen had; het werd een andere therapievorm: Acceptance & Commitment Therapie. Daarmee heb ik een hoop dingen geleerd om beter om te gaan met de somberheid. Dat hielp, maar achteraf gezien bleek ik ijverig de vervuiling uit de rivier te scheppen terwijl er een stuk stroomopwaarts de rommel er nog net zo hard in werd gegooid. Ik heb nu het gevoel de vervuiler aangepakt te hebben en dat ik op mijn gemak de overgebleven rotzooi definitief uit de rivier kan vissen.

De komende twee maanden gaan een dan ook een uitdaging zijn. Het wordt een duurtest waarin ik kan gaan zien of ik mijn stemming stabiel en de rivier ook echt schoon kan houden. Vorig jaar is deze periode funest geweest en raakte ik rock bottom in het vroege voorjaar. Ik heb nu een beter inzicht in mijn grenzen en ben mezelf veel bewuster van de signalen die aangeven dat het de verkeerde kant op gaat. Ondertussen ben ik waakzaam, ik wil het graag zelf doen, maar ik sta open voor het besef dat ik op een gegeven moment het toch niet in mijn eentje kan en dat hulp van buitenaf kan bijdragen.

Om alles een tastbaar symbool te geven heb ik deze week mijn armband voorzien van een nieuwe charm: belief. Voor het geloof in mezelf dat ik de balans die ik nu heb bereikt vast kan houden. Voor het geloof in mijzelf dat ik sterker ben dan mijn duistere gedachten. Dat ik deze niet hoef plat te walsen, maar op een goede en gezonde manier kan toelaten in mijn leven zonder deze de overhand laten nemen. Dat is een van de belangrijkste dingen die ik leerde van ACT pijn en verdriet moet je soms gewoon omarmen, het maakt deel uit van het leven.

Belief – Affection – Positivty

Als je net zo geeky bent als ik: het is een obsidiaan, ik ben nu lid van de Obsidian Order.

Eén pil verschil

Aan één van de bijwerkingen van mijn medicatie heb ik nooit veel ruchtbaarheid: depressie. Maar als je de bijsluiter van cyproteron-acetaat leest staat neerslachtigheid en depressie in het rijtje bij de meest voorkomende bijwerkingen. Ik heb het ook bijna een jaar buiten de deur weten te houden. Maar vooral de laatste weken kostte het me steeds meer energie om mijn stemming op peil te houden en ik het toch al minder energie. Als ik zo terugkijk op de laatste posts die ik op dit blog deed is het ook wel tussen de regels te lezen dat ik mij niet bepaald goed voelde.

Cyproteron-Acetaat

Cyproteron-Acetaat

Het was voor mij reden genoeg om aan te dringen op bloedonderzoek toen ik vorige week bij de endocrinoloog van het genderteam zat. Daar was het toch al tijd voor, de laatste keer dat ze bloed hebben geprikt is alweer een half jaar geleden. Ironisch genoeg is regelmatige controle van bloedwaarden een van de belangrijkste argumenten om niet zelf met medicijnen te prutsen. Dat ik tegen de arts zei dat ik futloos was en moeite had met mijn stemming heb ik geweten, ze pakte een labformulier en begon verwoed vakjes aan te kruisen. De laborante liet me vervolgens niet gaan alvorens ze acht buisjes bloed had afgetapt. Bij elkaar 50 ml, of een half koffiekopje. Gelukkig heb ik daar nooit veel last van. Ik moest terugdenken aan de eerste keer dat ze bloed wilden zien bij het VUmc, een jaar geleden. Ze hadden me vooraf gewaarschuwd wat te eten mee te nemen omdat het nogal veel zou zijn, dus ik zat klaar met een banaan en een sportdrankje. “Oh, dat was het al? OK.”  Het waren er slechts vier buisjes die keer. De helft van wat ik deze keer moest afstaan en zat ik onvoorbereid. Gelukkig heb ik nooit veel last van.

Snelle blik op het labformulier leerde me dat er behalve de gebruikelijke geslachtshormonen en leverwaarden ook werd getest op vitamines en schildklier. De voor de hand liggende dingen als het gaat om energie. Iedere keer weer moet ik toch een beetje gniffelen om het kruisje bij prolactine. Prolactine is het hormoon dat de hypofyse afscheid om de melkproductie op gang te brengen. Verhoogde waardes ervan in het bloed kunnen duiden op een prolactinoom, een goedaardig gezwel in de hypofyse dat je gezichtsvermogen kan aantasten. Het is dus belangrijk om die waarde in de gaten te houden.

De uitslag van het bloedonderzoek krijg ik over een week of 3 telefonisch door. Vooruitlopend daarop kreeg ik al het advies om de dosering Androcur (nou ja, cyproteron-acetaat dus, het patent is verlopen dus ik krijg merkloze varianten van de apotheek) te verlagen. De testosteronwaarden in mijn bloed waren een half jaar geleden al onmeetbaar laag en door de combinatie van de medicatie wordt het vermogen van mijn lichaam om dat goedje aan te maken behoorlijk aangetast. Ik zou dus met 50 mg per dag afkunnen, in plaats van de 100 mg die ik een jaar lang heb geslikt. Voor het vergelijk, de Dianepil bevat slechts 2 mg. Hoewel met tegenzin, dit middel voorkomt ook kaal worden, heb ik het advies opgevolgd. Want die bijwerkingen zaten me echt dwars.

Cyproteron-acetaat heeft een halfwaarde tijd van 40 uur, voordat de waarde in mijn bloed voldoende was gedaald waren we een paar dagen verder. Maar het verschil is van één pil per dag minder heb ik gemerkt. Ik voelde me beter, merkbaar beter. Ik heb meer energie, meer motivatie, krijg meer gedaan in een dag, ik voel me vrolijker. Het verschil met een paar weken terug is enorm. Ik sta nog steeds versteld hoeveel verschil een paar milligram van de een of andere stof in je bloed kan maken.

Dat mijn energieniveau nog niet helemaal terug bij oude is heb ik dit weekeinde gemerkt. Maar de verbetering is enorm, en daar ben ik blij om. Wachten we nog even af wat er nog uit het bloedonderzoek komt.