Algemeen Dagblad: transvrouwen zijn mannen

Noemde ik gisteren het nieuwsbericht in het AD waarin transvrouwen met ‘mannen’ werden aangeduid. Nou, daar mag ik niet over klagen. In een korte uitwisseling op Twitter met journalist Edwin van der Aa kreeg ik te horen dat ik ‘te streng ben‘ en dat wordt me ‘geluk in het leven ondanks mijn boosheid gewenst’. Het is Philippe Remarque all over again.

Ik moet maar blij zijn dat meneer de journalist medelijden heeft met mannen die doen alsof ze vrouw zijn, want dat ben ik in zijn ogen. Ik moet blij zijn dat hij überhaupt mijn kant op kijkt. Dat hij woorden aan mij vuil maakt.  Blijkbaar moet ik nu zijn voeten kussen en hem vereren als mijn grote redder. Om de een of andere reden begint het woord privilege in me te dagen.

Om het risico van verwijderde tweets te voorkomen heb ik maar even een screenshot van de conversatie gemaakt.

Vanderaaconvo

De stoomcursus schrijven over transvrouwen en transmannen van Asha ten Broeke vind je op haar eigen site: ‘Zes spelregels: hoe schrijf je over een trans vrouw of trans man?’ Ook al ben ik het niet helemaal met haar eens, vooral als het om de spatie tussen het voorvoegsel en zelfstandig naamwoord gaat. Het is wel het beste stijladvies dat ik ken.

Toevoeging:
Inmidddels heeft Van der Aa toch nog een excuus gemaakt. Niet naar mij, wel in een meer algemene zin in een tweet gericht aan Eveline van den Boom:

de Volkskrant: "mensen kan je ombouwen"

Volkskrant Magazine heeft dit weekend, zaterdag 24 januari, een groot artikel gewijd aan de Thaise chirurg Dr. Preecha, een van de pioniers op het gebied van vaginaplastiek. De Volkskrant noemt hem ‘De Vaginakoning’ een ere-titel die ik gezien de staat van dienst van deze arts best kan begrijpen.

Op de voorpagina meent de Volkskrant wel even alle trans vrouwen even te moeten kwetsen door ze te vergelijken met een levenloos voorwerp:

Volkskrant 24012015

Ombouwen, dat doe je met een garage waar je een hobbykamer van maakt. Dát is ombouwen. Of als je een mod-chip in je Playstation gameconsole soldeert zodat je er illegaal gekopieerde games op kan spelen, dat is ook ombouwen. Ik ben een mens; geen garage en evenmin een spelcomputer. Ik ben geopereerd of ik heb een gestlachtsaanpassende behandeling ondergaan. Een prima alternatieve kop op de voorpagina: John Schoorl ontmoet de Thaise chirurg die 4000 trans vrouwen opereerde. Dat had zo op het zelfde stukje krant gepast.

Hoofdredacteur van Expreszo Wouter van Dijke schreef gister al een sterk opiniestuk op de site van Expreszo zelf. Daar staat ook het antwoord van  Volkskrant hoofdredacteur Philippe Remarque, die ziet niets denigrerends in het gebruik van het woord ombouwen als je spreekt over mensen:

Dan zit er nog een wetenschappelijke onjuistheid in. Volgens de meest gangbare theorieën (theorie in de wetenschappelijke zin van het woord) wordt onze genderidentiteit al vroeg in de hersenen vastgelegd. Onder andere Nederlandse neurobioloog Dick Swaab (die ook homoseksualiteit in de hersenen aantoonde) doet hier veel onderzoek naar. gezien de medische consensus dat iemands identiteit niet veranderd kan, of mag, worden en het lichaam wel ben je als als trans vrouw je hele leven vrouw (of andersom als trans man), niet pas na een behandeling. De hersenen zijn het al sinds vóór de geboorte, ook al snap je pas op latere leeftijd waar het nu fout zit. Ik was 21 toen het kwartje viel, anderen begrijpen zichzelf op jongere leeftijd al.

Dan het artikel zelf, dat opent met deze zin in de eerste alinea:

De grote Israëliër die een vrouw gaat worden, ligt met de benen opgetrokken onder een operatiedoek, alleen zijn verdoofde hoofd is zichtbaar.

Even een lekker negatief cliche beeld als ijsbreker: grote man die vrouw gaat worden om dan nog even het omslagpunt bij de operatie te leggen. Misgendering, noemt men dat in de Engelse taal. Soms is dat een verspreking waar men niets aan kan doen. In dit geval ziet het eruit als een bewuste poging om te choqueren. Gewoon om het stuk een lekker pakkende intro te geven, de bijkomende schade en de voorbeeldfunctie van het medium is blijkbaar van ondergeschikt belang.

Terwijl het helemaal niet zo moeilijk is om respect te schrijven over het onderwerp: Ascha Ten Broeke, wetenschapsjournalist, schrijver én columnist bij Volkskrant, schreef op haar blog een korte stijlhandleiding voor journalisten. Hoofdredacteur Remarque kan in de leer bij zijn eigen columnist. Ten Broeke geeft zes simpele regels die je als journalist, of redacteur, houvast geven bij het schrijven van een artikel over transgenders. Deze zes regels mogen van mij zo worden overgenomen door de stijlgidsen van de diverse media.

Ten Broeke gaat in haar regels nog net iets verder dan ikzelf. Het woord transgender als zelfstandig naamwoord gebruiken heeft niet mijn voorkeur, maar zelf doe ik het ook. Het is een concessie waar ik mee kan leven. Ik vergelijk het met het gebruik van diabetici (mensen die diabetes hebben), autisten (mensen met een stoornis op het autistisch spectrum), blinden (mensen met een visuele beperking). Het is niet ideaal, want je vereenzelvigt mensen zo heel makkelijk met hun probleem. Ik heb het zelf vaak gezegd: ik heb genderdysforie, ik ben niet mijn genderdysforie.

Het artikel op zich is eigenlijk een prima en interessant stuk over een van de pioniers op het gebied van vaginaplastiek. Taalgebruik is soms enigszins platvloers, maar dat is een persoonlijke stijlvoorkeur, kan ik niet een probleem van maken. Het valt me op dat op een paar keer de schrijver zijn best doet om de juiste voornaamwoorden te gebruiken. Hij belicht ook de transitie als een langdurig proces waar een chirurgische ingreep slechts een deel van is.

Het leest heel erg alsof het ooit een prima artikel was, totdat er een sensatiebeluste redacteur erin heeft zitten strepen. Om een lekker pakkende en kwetsende kop op de voorpagina te hebben, en een fijn negatief stereotiep in de eerste alinea. Nu ik ook de reactie van Volkskrant hoofdredacteur Philippe Remarque op de kritiek ken, reken ik hem de beledigende kop en de kwetsende elementen direct aan. 

Toevoeging 26 januari: 

Ondanks herhaaldelijk aandringen via twitter van mij en vele anderen geeft Remarque geen reactie. Hij blijft dus hangen in zijn mening: “IK VIND het niet denigrerend, dus IS het ook niet denigrerend.” Daarmee blijf hij comfortabel hangen in onwetendheid en zijn blanke hetero cis-man privileges, met nóg minder respect voor transgenders dan ‘ie met zijn voorpagina al liet blijken.

Transgender & Feminist

Dit is een blog dat al maanden aan het broeien is, maar steeds niet uit mijn vingers kwam. Het onderwerp is complex en ik vind het lastig om goed uit te leggen wat mijn standpunten precies zijn. Daar komt nog bij dat ik er inmiddels achter ben gekomen dat feminisme een veel ruimere ideologie is, met veel verschillende stromingen. Stromingen die er zelfs tegengestelde normen op waarden op na houden, de ene feminist is de andere niet.

Zo staan er in mijn twitterfeed de tweets van: @Ashatenbroeke (wetenschapsjournalist, o.a. schrijfster van ‘Het idee M/V’), @Marijke_vonk (psycholoog, schrijft ook boeiend over sekswerk). Op Youtube volg ik het kanaal van Laci Green, een vlogger die haar Sex+ filmpjes vult me sekspositive en LGBT-inclusive onderwerpen. Alle vier zijn aanraders om te volgen als je geïnteresseerd bent in feminisme, seksisme en seksualiteit. Artikelen die ze schrijven of linken en hun inhakers op de actualiteiten hebben mij vaak genoeg aan het denken gezet.

Wat ik nu ga schrijven is mijn mening en mijn kijk op de dingen. Ik heb mijn best gedaan om alles te beargumenteren en bronnen te zoeken, maar mijn beleving is de basis voor wat ik hier schrijf. Voor objectievere, wetenschappelijk onderbouwde en beargumenteerde informatie verwijs ik graag naar de dames die ik hierboven noem.

Laat ik maar eens beginnen met weergeven van wat ík onder feminisme versta. Het concept, of ideologie kent nogal wat stromingen. Ook wordt nog regelmatig de draak mee gestoken door te zeggen dat feministen mannenhaters zijn, om ze gelijk over dezelfde stereotiepekam te scheren met lesbiennes. Voor mij betekent feminisme dat er tussen de genders geen verschillen zitten tussen verstandelijke vermogens en dat iedereen gelijk behandeld dient te worden met dezelfde rechten en plichten.

Even tussendoor: ik beschouw gender als een spectrum, een schaal met aan het ene uiteinde ‘mannelijk’ en aan het andere uiteinde ‘vrouwelijk’. Ieder willekeurig punt op die lijn is naar mijn idee een valide genderidentiteit. Vandaar ook de naam van mijn blog. 😉 Voor het gemak van schrijven, praat ik in dit blog in een simpele binaire man-vrouw verdeling van de genders.

Ik vind dus dat mannen en vrouwen dezelfde dingen kunnen en overal even goed in zijn. Statistische verschillen tussen de gemiddelde mannen- en vrouwenlijven daargelaten, dat gaat eigenlijk alleen op in de sportwereld. Een vrouw kan net zo goed een ingenieur, bouwvakker, of brandweerman zijn als een man seniorenverpleger, secretaris (eigenlijk dekt secretaresse de lading beter) of koffieheer. Dat bepaalde beroepen beter bij een bepaald gender zouden passen vind ik een volkomen onzinnig en achterhaald concept.

Om mezelf maar eens als voorbeeld te nemen: Ik ben vrouw, als na mijn dood mijn hersenen worden ontleed zal een neuroloog hersenstructuren aantreffen die over het algemeen als vrouwelijk worden gezien. Dick Swaab schreef al zoiets in Wij zijn ons Brein. Ondertussen ben ik wel als jongen opgevoed en heb ik zo jarenlang proberen te leven. Al kreeg ik alle vrijheid om mijn eigen ding te doen en werd ik door mijn ouders niet aan genderstereotypen gehouden. Toch vertoon ik in mijn talenten en interesses dingen die in de maatschappij als mannelijk worden gezien: ik heb een technisch inzicht en ben niet bang om zelf iets uit elkaar te schroeven, zoals ik eens met mijn oven deed.

In het boek het Idee M/V geeft Ten Broeke voorbeelden waaruit blijkt dat verschillen tussen mannen en vrouwen gevolg zijn van opvoeding. Nurture in plaats van Nature. Zo wordt er wel eens gezegd dat het ruimtelijk inzicht van mannen beter is dan dat van vrouwen. Want Mannen komen van Mars en vrouwen van Venus. Onderzoek heeft uitgewezen dat dit onjuist is. Het ruimtelijk inzicht van rijke blanke jongens is beter ontwikkeld dan dat van rijke blanke meisjes. Bij jongens en meisjes uit armere bevolkingsgroepen en etnische achtergronden is het ruimtelijk inzicht van vergelijkbare kwaliteit. (Onderzoek van Susan Levine: Socioeconomic status modifies the sex difference in spatial skill).

Ik vraag mij nu dus we af of, als resultaat van mijn opvoeding als jongen en mijn leven als transgender mijn hersenen een soort hybride structuur zullen hebben. Dat er zowel mannelijke als vrouwelijke kenmerken gevonden zullen worden.

Héél persoonlijke vragen

Zo af en toe krijg ik dan ook vragen of ik die transitie wel had moeten doen. Ik ben technisch, zet graag een Zweeds bouwpakket in elkaar, speelde vroeger met veel plezier met meccano en technisch lego, doe mijn eigen klusjes en reparaties in huis. Daarnaast geef ik als het om relaties gaat ook de voorkeur voor vrouwen. Het is me letterlijk recht in mijn gezicht gezegd: “Als man kan je toch veel beter seks hebben met een vrouw dan als vrouw. Waarom zou je jezelf laten opereren.” Sinds die opmerking ben ik iets terughoudender geworden met het open beantwoorden van vragen. Deze kwam net even te ver in mijn personal space.

Er is mij ook wel eens gevraagd waarom ik nauwelijks rokken of jurken draag. Voor feestjes en al ik ergens op netjes moet, doe ik dat nog wel. Maar voor de dagelijkse dingen is mijn modus operandi bij het aankleden vooral jeans, een bloesje en gympen. Die laatste soms afgewisseld met Dr. Martens. Komt deels omdat dát kleding is die voor mijn werk gewoon praktisch is. Ik werk in een winkel, sta en loop veel en moet ook veel goederen verwerken. Of ik in een ander beroep wel hooggehakt en in een kokerrok op kantoor zou verschijnen? Wie weet, ik heb wel een achtergrond waar tenue de ville zelfs op school regelmatig gangbaar is. Daarentegen probeer ik wel gewoon mezelf te blijven en niet overmatig te compenseren voor in het verleden gemiste vrouwelijke expressie.

Feminsiten zijn het niet eens met mij

Ben ik het dan eens met álle feministen? Nee, feministen zijn het soms, best vaak zelfs ook niet eens met mij. Zoals ik al zei, er zijn nogal wat stromingen binnen de ideologie van vrouwenrechten. De engste vind ik toch wel de TERFs: Trans Exclusionary Radical Feminists, in het Nederlands: Trans(gender) buitensluitende radicale feministen. Kort gezegd ziet deze stroming transvrouwen, zoals ik, als een wolf in schaapskleren. Volgens hen zou mijn grootste doel het binnendringen van women’s space zijn, om zo mijn eigen agenda uit te kunnen voeren. Gelukkig is TERF een minderheid binnen het feminisme, maar het is er wel eentje met schadelijke invloed op andere groepen.

Het wolf in schaapskleren argument wordt nogal eens gedeeld of misbruikt door conservatieve groeperingen om transgenders te beperken in hun rechten en vrijheden. Bijvoorbeeld om te verbieden dat personen het toilet gebruiken dat past bij hun genderidentiteit. Hierin gaat men zover dat er zelfs nieuwsberichten worden verzonnen dat zedendelinquenten genderdysforie als excuus of alibi zouden gebruiken om in de buurt van mogelijke slachtoffers te komen. Overigens is dit niet iets dat alleen in de VS speelt: de rechtervleugel in het Nederlandse parlement denkt er net zo over en vind het maar kolder dat er gestreden wordt voor genderneutrale toiletten op scholen.

Behalve die extreme gevallen waar de seksueelgeweldkaart getrokken wordt, en de relativering als snel uit het publieke debat verdwijnt, zijn er andere zaken waar feministen moeite mee hebben als het om genderdysforie en transseksualiteit gaat: transgenders zouden de klassieke rolverdeling tussen mannen en vrouwen alleen maar bevestigen of zelfs versterken.

“Think about a world inhabited just by transsexuals. It would look like the set of Grease” Is een uitspraak die Brits journalist en feminist Julie Bindel deed in The Guardian. In hetzelfde artikel laat Bindel blijken dat ze transgenders niet erkent als het gender dat deze beleven. Ze praat over ‘Men who have disposed of their genitals’ Als ze transseksuele vrouwen bedoelt. Let op de woordkeus: het Engelse to dispose is een werkwoord dat meestal in de context van het weggooien van afval wordt bedoeld. Ook de toon in de rest van het artikel geeft aan dat Bindel alleen maar gefocused is op uiterlijke geslachtskenmerken waarmee men is geboren. Al het andere doet er volgens haar niet toe. Eens een man, altijd een man. Iemand die heeft geproefd van mannelijke privileges, kan zich absoluut niet inleven in een leven als vrouw. In andere feministische uitingen heb ik al vergelijkbare dingen gezien: er werd gesproken over mannelijke transseksuelen. Om het vrouwelijke gender van transvrouwen maar vooral te negeren.

Toegegeven, ik heb in mijn jeugd best profijt gehad van mannelijke privileges. Daar heb ik ook een enorme prijs voor moeten betalen. Onzekerheid over mezelf. De donkerste gedachten die een mens kan hebben. Nog dagelijks betaal ik de prijs als ik mijzelf in de spiegel zie. Vrouwen grappen wel eens dat ik tenminste nooit last heb van menstruatiekramp en alle andere ongemakken die gepaard gaan met het hebben van een baarmoeder en een setje complete xx-chromosomen. Maar ik kan je vertellen: als ik daarvoor het hebben kunnen ervaren van mannelijke privileges zou moeten inleveren, dan teken ik ervoor. Direct, zonder twijfel en met terugwerkende kracht.

De mildere anti-trans meningen binnen het feminisme kan ik best begrijpen. Dat is iets waar ik zelf ook veel over nadenk en ook de reden waarom dit onderwerp als blogartikel al maanden in mijn hoofd aan het broeien is. Als ik vind dat mannen en vrouwen zo gelijkwaardig zijn: waarom dan toch dat zware lange traject van transitie in gaan? In rationele termen kan ik dat moeilijk uitleggen. Als iedereen gelijk is, dan zou het toch niet zo’n verschil moeten maken? Het is een gevoelskwestie en ook dat gevoel is niet uit te leggen. Wanneer iemand mij vraagt of ik mij nu, sinds mijn operatie, compleet vrouw voel geef ik daar een ontkennend antwoord op. Ik weet namelijk niet hoe het is om jezelf ‘vrouw’ te voelen. Evenmin weet ik hoe het is om jezelf ‘man’ te voelen. Wat ik weet is dat ik mij inmiddels eindelijk thuis voel in mijn lichaam. Dat betekent heel veel.

Om mijzelf thuis te voelen in mijn lichaam heb ik een geslachtsaanpassende behandeling ondergaan, zoals dat heet in medische termen. Ik heb daarnaast ook een sociale transitie ondergaan: ik ben me meer gaan kleden en gedragen naar het beeld dat de maatschappij heeft onder het label ‘vrouw’. Ik vorm me naar een rol, laat me in een keurslijf duwen, doe zoals men verwacht dat ik doe. Alles om maar als vrouw door te kunnen gaan. Die rol en gedragingen zijn toch echt goeddeels gebaseerd op de patriarchale maatschappij: een wereld waarin mannen de leiding hebben, beter verdienen dan vrouwen en meer privileges hebben. Door die maatschappelijke vrouwelijke rol aan te nemen bevestig ik juist die ongelijkheid waar het feminisme tegen strijdt. Al sinds de Suffragettes streden om kiesrecht en sinds Aletta Jacobs zich inschreef bij de medische faculteit van de universtiteit in Groningen.

Gelijk, niet hetzelfde

Je zou kunnen stellend dat ik als transgender tegen de stroom van de feministische golven inzwem, en terug ga in de tijd. Daar denk ik dan anders over. Ik geloof dat vrouwen en mannen elkaars gelijken zijn. Maar gelijk betekent niet hetzelfde. Ik zei al dat ik gender zie als een spectrum, waar mannelijk en vrouwelijk de uitersten in zijn. Op die lijn moet iedereen voor zichzelf bepalen waar hij/zij zich het beste thuis voelt.

Want mannen en vrouwen zijn verschillend. Dan heb ik het nog niet eens over de organen die de natuur ons meegegeven heeft om ons voort te planten. Ik voel bijvoorbeeld een duidelijk verschil in aantrekkingskracht tussen mannen en vrouwen. Vrouwen kan ik me op een romantische manier tot aangetrokken voelen, met mannen heb ik dat niet. Voor dat onderscheid in geaardheid is er ook een onderscheid in genders nodig. Net als transgenders de uitzondering zijn die de cis-regel bevestigen zijn biseksuelen de uitzondering die de regel van enkelvoudige geaardheid bevestigen. Al zijn er verhoudingsgewijs heel wat meer biseksuelen dan transgenders. Volgens de Rutgers-Nissogroep identificeert zo’n 3,3% van bevolking zich als biseksueel. Het percentage transgenders (in een hele ruime definitie) wordt door het Sociaal Cultureel Planbureau in het rapport Worden wie je bent op 1,6% van de bevolking geschat.

Dat mannen en vrouwen van elkaar verschillen, en men zich duidelijk een bepaald gender kan voelen. Dat betekent niet dat ze ongelijkwaardig zijn. Zolang “… als een meisje” nog een negatief waardeoordeel is, is feminisme nodig in deze wereld. Always heeft met een van haar #LikeAGirl campagne de vinger op de zere plek gelegd en het mooi geïllustreerd in een commercial: 

Maar er gloort hoop aan de horizon. Her en der ontstaan er initiatieven, vanuit invloedrijke hoek om kinderen te leren dat jongens en meisjes gelijkwaardig zijn. Speelgoedwinkels maken folders waar jongetjes worden afgebeeld met speelgoedstofzuigers en meisjes poseren met een arsenaal aan Nerfguns.

Lego bracht deze zomer een set met Lego70vrouwelijke wetenschappers uit, en Mattel heeft nu een “Ik kan ook een computer engineer zijn Barbie. op de de markt gebracht. Dat lijkt mooier dan het is. De vrouwelijke wetenschappers van Lego waren binnen een dag uitverkocht, en het Deense bedrijf is vooralsnog niet van plan om er meer te produceren. Voorlopig richt het blokjesbedrijf zich vooral op het uitbrengen van roze lege speciaal voor meisjes. In schril contrast met hun denkbeelden uit vroeger tijden. Zoals dit briefje aan ouders van Lego in de jaren ’70 mededeeld: sommige jongens willen een poppenhuis, sommige meisjes een ruimteschip. Het enige wat ouders hoeven doen is hun kinderen het gereedschap aanreiken waarmee kinderen zelf hun fantasieën kunnen uitleven.

Computer engineer Barbie dan? Helaas, Barbie kan nog steeds niet programmeren, alleen maar ontwerpen. Voor het échte programmeerwerk heeft ze hulp van mannen nodig. Technische dingen, dat is volgens Mattel nog steeds mannenwerk. Vanuit feministische hoek is dit standpunt al op de hak genomen op internet en het boekje zo aangepast dat Barbie geen mannen meer nodig heeft.

Her en der worden dus voorizchtige beginnetjes gemaakt om kinderen van jongs af aan bij te brengen dat mannen en vrouwen elkaars gelijken zijn. Beter gezegd: om ze het vooral niet af te leren dat die gelijkwaardigheid er is. Want de minderwaardigheid van vrouwen wordt vooral veroorzaakt door opvoeding. Opvoeding gebasseerd op oude maatschappelijke, sociale en religieuze ideeën. Een collega zei ooit tegen me dat iets doen omdat “we het al heel lang zo doen” de slechtste reden is om iets te blijven doen. Stilstand is achteruitgang.

Ik ben Daniëlle, ik ben Fading Gender, ik ben vrouw, ik ben transgender en ik ben feminist.